Achttien jaar na Maxinquaye is False Idols inmiddels het tiende album van Tricky. Een plaat die hem naar eigen zeggen in grondhouding terugbrengt naar dat debuut, waar hij zich net als nu van niemand iets aantrok.

Die grondhouding legt Tricky vrij lui uit met woorden van Patti Smith in Somebody's Sins. Haar toevoeging aan haar versie van Van Morrisons Gloria zijn hier geïsoleerd tot een tekst, waaruit moge blijken dat Tricky zich niet laat leiden door wetten en regels. Maar niet alleen de muziek is opgebouwd uit samples.

De teksten bestaan veelal uit universeel bekende citaten. Zo wordt Chet Baker in Valentine vrij opportuun nagekreund om het treurige relaas van een alleenstaande jonge moeder kracht bij te zetten. Makkelijk effectbejag dat, hoe ingecalculeerd dan ook, niet mist. Tricky weet goed sfeer te zetten, ongeacht welke klassiekers hij daarbij betrekt.

Maar ook zonder inzet van klassiekers, zoals in Tribal Drums waar hij een rokerige jazzy sfeer combineert met beats uit de diepe nacht en het Midden Oosten om een duister bedwelmende wereld te scheppen. In We Don't Die parafraseert de Brit The Cure, verwijzend naar de bas in A Forest, om daarmee die zelfde duisternis voort te zetten.

Disco

Hypnotiserende mantra's, waar de geest zich makkelijk in laat verliezen. Disconummers als Bonnie & Clyde hebben dat effect echter niet, dit zijn eerder de vluchtige momenten op False Idols. Niet slecht, maar ook niet genoeg om te beklijven. Dat doet Parenthesis dan weer wel.

Deze bewerking van een track van The Antlers voegt weliswaar slechts kleine details aan het origineel toe, maar weet voortdurend te boeien. Dat kan echter niet voor heel False Idols worden gezegd, waarvan een paar nummers obligaat aanvoelt. Tricky doet duidelijk dat wat hij zelf wil, net als in 1995, zij het niet altijd met dezelfde uitwerking.