Soms blijken ideeën die in de basis heel simpel zijn, heel goed te pakken. Datzelfde kan gezegd worden voor de formule van het Vlaamse Vive La Fête, al is de rek er inmiddels wel uit.

Het sympathieke duo Danny Mommens en Els Pynoo leunt inmiddels vijftien jaar op hetzelfde idee waarmee het ooit debuteerde. De smeltkroes van donkere new wave en postpunk uit de jaren tachtig met opgewonden schreeuwzang van de rondborstige blonde frontvrouw had op het vorige album zijn charme reeds grotendeels verloren.

Door het nieuwe album 2013 te noemen, wekt Vive La Fête de indruk dat de band in het nu staat en gepoogd heeft op zijn achtste album klanken te laten horen die gangbaar zijn in dit specifieke kalenderjaar. Bij beluistering valt het onmiddellijk op dat Mommens en Pynoo geenszins proberen actueel of vernieuwend te klinken.

De vertrouwde en inmiddels uitgekauwde formule wordt wederom negen keer herhaald, waarbij Vive La Fête soms subtiel fragmenten of delen van melodielijntjes leent uit internationale hits. Zo is Mea Culpa een kruisbestuiving tussen The Cure (baslijn van A Forest) en Trans-X (pulserende synthklanken uit Living On Video).

Parodie

Het nummer Alexandrie Alexandra (Claude François) klinkt als een remix die The Human League had kunnen maken van David Christie's discohit Saddle Up, terwijl op Diva, Le Diable en Ping Pong gitaarriffs uit de jaren tachtig worden gerecycled. Het duo klinkt op 2013 als een parodie op zichzelf, minus de zelfspot.

Dat Vive La Fête het experiment daarentegen niet helemaal schuwt, blijkt op het ruim 23 minuten durende slotnummer Tics Nerveus, een avant-gardistische geluidscollage die niet zou misstaan als soundtrack van een arthousefilm. Op deze ronduit platte feestplaat slaat het echter als een tang op een varken. Duidelijk geen goed idee.