Wanneer je oude kleren lang genoeg bewaart, komen ze vanzelf wel weer in de mode. Datzelfde kan van muziek gezegd worden, vandaar dat Jacco Gardners debuutplaat internationaal in de belangstelling staat.

De fijnproevers bij popbladen en muziekblogs als Pitchfork, Shindig Magazine en NME zagen in de uit Hoorn afkomstige muzikant en producer Jacco Gardner al de reïncarnatie van Syd Barrett zelve. Dat is dan ook waar de slechts 24-jarige muzikant en psychedelicaliefhebber zijn voornaamste inspiratie vandaan haalt.

Maar op zijn kundig in elkaar gedraaide werkstuk Cabinet Of Curiosities treffen we meer hele directe verwijzingen aan naar de tweede helft van de jaren zestig, variërend van The Beach Boys, Cream, The Mamas and The Papas, The Byrds, The Beatles en Soft Machine, tot de meer obscure psychedelische popbands.

Het eindresultaat voelt aan alsof Van Dyke Parks en Brian Wilson de teksten en zanglijnen van The Piper At The Gates Of Dawn van Pink Floyd herschreven hebben om ze vervolgens door Peter Noone van Herman’s Hermits te laten inzingen. De klanken uit de periode 1966 tot en met 1969 worden met precisie nagebootst.

Kopietjes

Toch blijven het kopietjes van briljante originelen en daarmee zijn er weinig oorspronkelijke elementen aan te treffen in Gardners muziek. Als studioproject is Cabinet Of Curiosities in zijn opzet enorm geslaagd met een vakkundige en smaakvolle productie, maar compositorisch is de plaat lang niet altijd even sterk.

The Ballad Of Little Jane, Where Will You Go en Clear The Air zijn uitschieters, terwijl op andere nummers Gardners manco duidelijk merkbaar is; zijn wat stugge melodielijnen en zijn zeer beperkte vocale bereik. Toch zal de plaat liefhebbers van barokpop en psychedelica kunnen bekoren door de vertrouwde klanken van weleer.