The Datsuns – Death Rattle Boogie

Dé nieuwe Beatles, dé beste liveband, dé redding van dé rock-‘n’-roll; de Britse muziekpers is dol op dit soort stempels en strooit er wijds mee. Begin deze eeuw richting The Datsuns, een kwartet uit Nieuw Zeeland.

Opgepikt door de inmiddels overleden Britse diskjockey John Peel lag de band dan ook een gouden toekomst te wachten. Met stevige rockriffs met een goede hang naar de jaren zeventig en genoeg vonken in de onderbuik om elk podium in vuur en vlam te zetten.

Maar de rock-‘n’-roll behoefde klaarblijkelijk geen redding, de Britse pers schoof door naar de volgende aanstormende superheld en zonder cape bleef The Datsuns, nu niet langer dé hype, heerlijke ronkende rockalbums maken. Death Rattle Boogie is daarvan alweer de vijfde.

Een plaat waar het kwartet in de discografie van MC5 en The Stooges is gedoken om inspiratie op te doen. Een stap rauwer dan de voorgaande albums, waardoor het zweet dat anderzijds de bühne raakt nu ook in golven de boxen uitspettert. Er is echter niet veel nieuws onder de zon.

Ongecompliceerd

Maar niet alles dat nieuw is, is direct goed en daarmee is ook niet alles dat we al eens gehoord hebben direct slecht. En juist omdat Death Rattle Boogie precies dat levert wat het in de titel belooft, is het een alleszins aan te raden plaat voor een ieder die van ongecompliceerde rock met passie houdt.

Maar het stempel "redding van de rock-‘n’-roll" is inmiddels allang weer vergeven, aan Mikal Cronin of Ty Segall of Japandroids of de volgende aanstormende superheld ontdekt door het Britse muziekblad NME.

Tip de redactie