Wanneer je aan een talentenjacht meedoet, hoef je niet per se te winnen om ver te komen. Kijk maar naar Gerard Joling, die derde werd in de Soundmix Show van Henny Huisman. Zangeres Carly Rae Jepsen werd derde bij Canadian Idol.

In 2007 legde de brunette het af tegen countryzanger Jaydee Bixby en de uiteindelijke winnaar Brian Melo, maar vijf jaar na dato kunnen we stellen dat hun carrières een stille dood gestorven zijn. Los van een enkele hit in thuisland Canada leek Jepsen hetzelfde lot beschoren na haar debuutalbum Tug Of War uit 2008.

Maar deze zomer scoorde de zangeres onverwacht een wereldwijde zomerhit met het aanstekelijke popnummer Call Me Maybe, dat niet meer weg te denken was van de radio. En hoewel Call Me Maybe ook veruit het beste liedje is op haar tweede album Kiss, is het duidelijk dat ze zich hiermee uit de vergetelheid wil vechten.

Met een tweede hit in de vorm van een duet met Owl City (tevens te vinden op zijn album) en een duet met superster en tevens haar platenbaas Justin Bieber (dat veel gelijkt op No Goodbyes van Krezip), is het de Canadese in ieder geval gelukt om de aandacht op zich te vestigen. Haar doel is dus al bereikt.

Schreeuwerig

Wat de plaat zelf betreft, dat is een exemplarisch voorbeeld van een schreeuwerig danspopalbum met een leger aan superproducers (Max Martin, Dallas Austin, Toby Gad en tig anderen) zoals ze heden ten dage niet aan te slepen zijn (denk: Kimbra, Pink, Usher, Nelly Furtado). Dat neemt niet weg dat er enkele hele sterke songs op staan.

Zoals openingsnummer Tiny Little Bows, met een Sam Cooke-sample, het plagende Hurt So Good, feestnummer This Kiss, clubkneiter Tonight I’m Getting Over You en het euforische Turn Me Up. De over ontluikende liefdes, overspel en verbroken relaties handelende teksten zijn geen literaire hoogstandjes, maar daar heeft Joling ook nooit last van gehad.