Owl City – Midsummer Station

Opeens was er in 2009 het liedje Fireflies. Een onweerstaanbaar deuntje dat hoge ogen gooide, zowel hier als in Owl City's thuisland Amerika. En waarom ook niet, het bezat alles dat een goed radioliedje tegenwoordig nodig heeft.

Fireflies had elektronica die tegen de dance aanschurkt, relatief eenvoudige zanglijnen en een duidelijke 'hook'. Op de daarop volgende albums probeerde Adam Young – de jeugdige singer-songwriter en multi-instrumentalist die achter het pseudoniem Owl City schuilgaat – met een soortgelijke formule zijn succes voort te zetten.

En niet geheel onverdienstelijk. Zijn inmiddels vierde album Midsummer Station bevat wederom radiovriendelijk pop. Singletje Good Time – een samenwerkingsverband tussen Young en Call Me Maybe-zangeres Carly Rae Jepsen – is inmiddels niet meer weg te denken uit ons collectieve popgeheugen. Misschien tegen wil en dank, maar desalniettemin.

Youngs liedjes klinken op Midsummer Station echter veel dance-achtiger dan voorheen. Haast alle songs bevatten een duidelijke beat op iedere tel en alle moderne Amerikaanse popclichés worden aangehaald, van constant aanzwellende bekkens op overgangen van coupletten naar refreinen tot korte stops die climaxen inleiden.

Windeieren

Daarmee is het kleine eigenzinnige randje van Fireflies haast compleet verdwenen en heeft plaatsgemaakt voor totaal inwisselbare dertien-in-een-dozijn-pop. Commercieel ongetwijfeld een goeie beslissing die Young waarschijnlijk geen windeieren zal leggen, maar de kwaliteit van zijn werk komt het niet bepaald ten goede.

Het wordt ook pijnlijk duidelijk dat Youngs zanglijnen wel heel erg eenvoudig zijn. Zijn poppunkachtige zangstijl gaat op den duur op de zenuwen werken. Maar in de kleine dosis waarop de gemiddelde popconsument zijn werk tot zich neemt, maakt dit weinig uit. Minder eigen en surrealistisch dan dat de overigens fantastische, door Salvador Dali geïnspireerde kaft doet vermoeden.

Lees meer over:
Tip de redactie