Joe Walsh – Analog Man

In het titelnummer van zijn elfde studioalbum stelt Joe Walsh maar moeite te hebben met het computertijdperk waarin hij leeft. Op Analog Man grijpt de ex-Eagle dan ook terug op de tijd van Raider, VHS en Beverly Hills Cop.

Joe Walsh was altijd al het hardst rockende lid van de band Eagles. Bij de stevigere nummers werd hij regelmatig naar voren geschoven als vocalist en ook zijn solowerk is beduidend luider dan dat van Don Henley of Glenn Frey. Als songwriter en zanger was Walsh nooit het grootste talent binnen Eagles, zeker in vergelijking met Henley.

Mede om die reden is er in geen twintig jaar een plaat van Joe Walsh verschenen. Zijn laatste wapenfeit stamt uit 1992, het weinig memorabele Songs For A Dying Planet. Analog Man is een voortzetting van de albums die Walsh in de jaren tachtig maakte; oerdegelijke, typische Amerikaanse radiorock met arenarefreinen.

Daar wint Joe Walsh niet de originaliteitsprijs mee, maar dat lijkt ook nergens zijn intentie. Tamelijk eenvoudige rocksongs als Wrecking Ball, Lucky That Way, Band Played On en One Day At A Time blijken goed te werken voor het Eagles-lid, hoewel elke vorm van subtiliteit eruit wordt gefilterd door producer Jeff Lynne.

Kristalhelder

De signatuur van de voormalige voorman van Electric Light Orchestra is onmiskenbaar: kristalheldere gitaren, echo op de snaredrum en een bak galm over de vocalen. Zodra Walsh en Lynne modieus proberen te doen vallen ze echter door de mand, zoals op Funk 50 (mislukte R&B-song) en India (AC/DC-gitaarriff over housebeats).

Wel geslaagd is Hi-Roller Baby, geschreven door Tim Armstrong van Rancid. Elders klinkt de productie erg gedateerd. Rockballad Family lijkt rechtstreeks uit 1987 te komen, terwijl een jongere producer het nog eigentijds had kunnen laten klinken. Maar Joe Walsh houdt van ouderwets; vinyl, videorecorders en vocalen door een stofzuigerslang.

Lees meer over:
Tip de redactie