Op haar fraaie debuutalbum Seasons Of My Soul liet de Brits-Pakistaanse zangeres Rumer al horen op prachtige wijze liedjes van anderen te kunnen vertolken. Een album met uitsluitend covers is dan ook niet meer dan een logische opvolger.

Sarah Joyce alias Rumer leverde anderhalf jaar geleden met het debuutalbum Seasons Of My Soul reeds een fraai visitekaartje af. De zangeres werd alom vergeleken met Karen Carpenter, haar grote voorbeeld. Op Boys Don’t Cry klinkt Rumer dan ook nog steeds als een hedendaagse Karen Carpenter.

Misschien niet geheel toevallig dat Boys Don’t Cry enkel materiaal bevat uit de periode waarin Richard en Karen Carpenter actief waren; de jaren zeventig. Niet dat Rumer in dezelfde vijver vist als Carpenters. Ze kiest voor muziek van songschrijvers als Todd Rundgren, Isaac Hayes, Gilbert O’Sullivan, Townes Van Zandt en Ronnie Lane.

Ook neemt ze opnieuw een nummer op van Stephen Bishop, wiens liedje It Might Be You al op haar debuutalbum terecht kwam. Ze selecteert hier niet de bekende en voor de hand liggende hits van deze artiesten, maar voor obscuurder materiaal uit diens catalogi. Enige uitzondering is Sara Smile van Hall & Oats, dat wel bij een breed publiek bekend is.

Vertrouwd

Boys Don’t Cry is gemaakt met hetzelfde team waarmee Rumer ook haar debuut vervaardigde en dat is goed te horen. Zelfs wanneer je deze liedjes nog nooit van je leven gehoord hebt, doen ze vertrouwd aan door de warme vintage productie, de afwisseling tussen ballads en easy-listening en het bitterzoete stemgeluid van Rumer.

De mooiste vertolking van Rumer op Boys Don’t Cry is haar versie van Home Thoughts From Abroad van Clifford T. Ward uit 1973, hoewel haar opnames van Terry Reids Brave Awakening en It Could Be The First Day van Richie Havens eveneens een must voor het oor zijn. Net als de rest van het album overigens.