In de grote postpunkexplosie in de eerste jaren van deze eeuw was Infadels een laatkomer. Toen de band in 2006 met zijn debuutalbum We Are Not The Infadels kwam, was de populariteit van het genre alweer op zijn retour.

Toch wisten de heren een plekje te veroveren in het pantheon van de postpunkrevivalisten, met name dankzij het eindeloze getour en de keuze voor een elektronischer geluid dan de meeste genregenoten. Mede hierdoor klinkt Infadels anno 2012 nog steeds vrij relevant zonder al te rigoureuze maatregelen te nemen.

De gitaar had in de muziek van Infadels altijd al een kleinere rol dan de synthesizer, maar op het derde album The Future Of Gravity Boy is de gitaar haast nergens meer te bekennen. Het zijn kamerbrede analoge synths die hier de klok slaan en ook de drums klinken elektronischer dan voorheen.

Infadels presenteert zich meer en meer als een dance-act en minder dan wat wij als een traditionele band zien. De altijd al dance-achtige refreinen met veel herhaling en redelijk vlakke zang dragen hier bovendien aan bij. De hoekigheid van de postpunkroots is gebleven en het resultaat is wederom een prettig dansbaar album.

Niveau

Wel een album dat duidelijk geschikter is voor de bühne dan voor op je iPod of in de auto. Infadels bevat echter namelijk nog steeds geen echt begenadigde liedjesschrijvers. Het niveau van de songs op het debuutalbum wordt gemakkelijk gehaald met liedjes als single From Out Of The Black Sky en Encounters Of The First Kind.

Maar groei ten opzichte van eerder werk lijkt nergens te bekennen. Dansvloerstampers bevat The Future Of The Gravity Boy echter weer meer dan genoeg. Menig boeker zal makkelijk overstag gaan na het horen van dit werk en waarschijnlijk was dat ook precies de insteek van dit album. Ongetwijfeld te zien op de festivals deze zomer en vast en zeker weer een feestje.