Rauw, raspend en direct was altijd een gegeven in het geluid van Deer Tick. Alt-country die de wortels vindt in de al oude Amerikaanse folkanthologie, maar even goed rammelt en bijt als een punkband.

Op Divine Providence – eind 2011 al uitgekomen in de VS, maar nu pas officieel hier te krijgen – is dat niet anders. Country met een punkvibe, zij het nu in omgekeerde evenredige verhoudingen. Frontman John McCauley geeft zelf aan dat de band met het vierde album de sfeer van liveshows wil vangen.

En je ziet het voor je. Al in de eerste tonen schets zich het beeld van een redneck-countrybar waar achter gaas een met The Stooges- en Ramones-genen gemanipuleerde countryband staat te spelen. Het gejoel klinkt bijna door in de achtergrond en je hoort de flessen bijna tegen de muur kapotslaan.

Divine Providence is de punkplaat van Deer Tick, en daar waar op Born On Flag Day en The Black Dirt Sessions de geest van The Band en Gram Parsons rondwaarden, vliegen hier bovengenoemde genen uit de boxen. Maar ook de grunge uit begin jaren negentig heeft een stempel deze jonge heren gedrukt.

Verwarren

Nadeel is dat in een enkel nummer deze invloeden wel heel sterk naar voren komen, zo is het niet onmogelijk om Let’s Go To The Bar te verwarren met een willekeurig Ramones-werk. Voordeel daarentegen is echter dat McCauley en kornuiten wel weten hoe ze een goed nummer in elkaar moeten zetten.

En daarmee is ook Divine Providence een puur en direct album geworden, dat gemeend, een beetje wrang en kloppend als een zwerende vinger over je heen rolt. Een visitekaartje voor die liveshows, die dit album zou moeten vatten.


Deer Tick staat 28 maart in Paradiso, Amsterdam en op 31 maart in 013, Tilburg.