De levensloop van The Who kent diverse artistieke hoogtepunten. Quadrophenia is echter het magnum opus van Pete Townshend, dat in een boxversie nog dieper ingaat op zijn meesterwerk.

Want zo mag Quadrophenia gerust betiteld worden, ook al is deze tweede rockopera van The Who bij het grote publiek minder geliefd dan zijn befaamde voorganger Tommy (het eveneens briljante album Who’s Next zat hier tussenin geklemd). Quadrophenia kan gezien worden als een autobiografisch werk van liedjesschrijver Townshend.

Protagonist Jimmy maakt deel uit van de mod-subcultuur uit het midden van de jaren zestig, maar kampt tevens met de grote vragen in het leven en heeft een gespleten persoonlijkheid. Elk van de vier bandleden van The Who vertegenwoordigen een identiteit van Jimmy; het stoere joch, de romanticus, de twijfelaar en de losgeslagen gek.

Teleurgesteld in het leven en de liefde, vertrekt Jimmy naar Brighton; het epicentrum van de mod-subcultuur. Daar aangekomen blijkt ook de subcultuur waar hij zo wanhopig deel van uit probeert te maken niets meer dan een lege huls. Verbitterd loopt Jimmy rond in de in verval geraakte badplaats en speelt met idee zichzelf te verdrinken.

Spetterend

Muzikaal wordt het verhaal passend vormgegeven door The Who, wisselend met stevige hardrock en popelementen uit diens begintijd. Na de introtrack I Am The Sea gaat het album goed van start met de spetterende rocksong The Real Me. Het verhaal verder uitgelegd in Cut My Hair en The Punk And The Godfather.

Daarna volgen de prijsnummers I’m One, The Dirty Jobs, I’ve Had Enough, Bell Boy en Doctor Jimmy. Dat de nummers slechts twee jaar na Who’s Next zijn geproduceerd, is onmiddellijk te horen aan de synthesizergeluiden die The Who ook gebruikte in de popklassieker Baba O’Riley.

Aangenaam

Behalve de eerste twee schijfjes met het reguliere album van The Who, bevatten de derde en vierde cd 25 demo-opnames van Pete Townshend. En beslist niet in beroerde kwaliteit. Ondanks het gemis van de superieure productie van Kit Lambert en Glyn Johns, plus de zang van Roger Daltrey, zijn deze schijfjes aangenaam luistervoer.

Het interessante van deze demo’s is dat het eerdere incarnaties zijn van nummers van Quadrophenia, terwijl er ook hele interessante nummers op te vinden zijn die het album niet haalden. Bijvoorbeeld Joker James, Get Inside, Wizardry en We Close Tonight. Erg mooi is de pianoballade Any More en het Brian Wilson-achtige You Came Back.

Toevoegingen

Kenners missen wellicht de soundtrackuitvoering van Quadrophenia (geremixt door John Entwhistle in 1979 voor de gelijknamige filmbewerking) en het B-kantje Water (te vinden op Deluxe Edition van Who’s Next), maar deze boxset volstaat ook zonder die additionele toevoegingen.

Voor de audiofielen is het album wel bijgevoegd in een 5.1-mix op dvd en de box bevat een vinylsingle van 5.15. Het complete verhaal van Quadrophenia en diens ontstaansgeschiedenis zijn uitgebreid vastgelegd in woord en beeld in het dikke boek bij deze uitgave. Een prachtig compleet document van deze essentiële en ultieme rockopera.