Nachtmerries, badend in angstzweet wakker worden. Het eerste nummer van Dracula heet Fever Dreams, maar dat had even goed de titel van de hele plaat kunnen zijn. Want zelfs de meest vrolijke liederen op deze plaat hebben een beangstigende onderlaag.

Het geluid van het Amerikaanse trio is het best te beschrijven als een mix van het jaren zeventig-feestje bij de achterburen en het jaren tachtig-feest bij de buren die in flarden door het enkelglas de slaapkamer binnensijpelt.

Volle en melodische baslijnen dragen de nummers, geladen met pophooks die het ene moment aan surfpop dan aan de schuivers uit de disco doen denken. Daar om heen een voortdurende galm, waarin spookachtige synthpartijen of overdubs van de zanglijn verstopt zitten.

En het zijn vooral die overdubs en galm en echoeffecten die de spanning in het geluid van Dracula brengen. Achter zeer pakkende popliedjes zit daardoor een voortdurende dreiging, die bijvoorbeeld bij genregenoot Washed Out ontbreekt.

Intrigerend

Maar meest onderscheidend zijn de vocalen van Aaron Chapman. Een stem die ligt op de grens van intrigerend en irritant. Iets waar menigeen op af kan knappen, maar wel de band zijn meerwaarde geeft. Dat en het feit dat alle bandleden een gelijkwaardige inbreng hebben in alle liedjes.

Hierdoor krijgen nummers vaak zeer onverwachte maar even logisch klinkende wendingen, lijken haast geheel van karakter te wisselen. Iets wat de plaat van begin tot einde spannend houdt, en de luisteraar op het puntje van zijn stoel. Als hij zich in ieder geval niet heeft laten pakken door de zeer dansbare ritmes en inmiddels voor zijn stoel staat de dansen.

Luister dit album op Spotify