Een albumrecensie van Status Quo is natuuurlijk niet heel erg zinvol. Gedurende het merendeel van zijn ruim veertigjarige carrière is de band immers zelden heel erg afgeweken van zijn muzikale pad. Nog steeds is de Quo onveranderlijk, onverbeterlijk en onverstoorbaar.

Dat imago houdt de band zelf ook graag in stand. Niet voor niets noemde Status Quo zijn vorige album spottend In Search Of The Fourth Chord. “Bij Status Quo krijg je wat je verwacht”, zei zanger Francis Rossi in 2010 tegen NU.nl, toen hij zijn tweede soloalbum One Step At A Time promootte. “We proberen nooit anders te zijn.”

Op het 29e studioalbum Quid Pro Quo slagen Rossi en zijn kameraden daar opnieuw in, al zijn nummers als Dust To Gold en Movin’ On steviger dan veel van de liedjes op de voorgaande platen.

Het door Rick Parfitt geschreven en gezongen Let’s Rock somt zo’n beetje alle rockclichés op die sinds That All Right van Elvis Presley op plaat zijn vastgelegd. Hoewel de vocalen ondermaats zijn, is de blazerssectie een welkome afwisseling en lijkt een eerbetoon aan het werk van de Canadese rockproducer Bruce Fairbairn (Bon Jovi, Aerosmith, AC/DC).

Ontypisch

De nieuwe versie van de jaren tachtig-hit In The Army Now, een benefietsingle uit 2010, is een vreemde toevoeging aan Quid Pro Quo. Deze door Bolland & Bolland geschreven rockballad is veruit het beste nummer op de plaat en bevat een arrangement dat ontypisch is voor de rest van de liedjes.

Maar Quo-fans zullen wellicht eerder hun hart ophalen met recht-voor-je-raap-rockers als Two Way Traffic, Rock ‘N’ Roll ‘N’ You en My Old Ways. Zoals de titel al aangeeft; Quid Pro Quo, je krijgt wat je verwacht. En is dat wat Status Quo betreft niet gewoon goed genoeg?