Smith Westerns – Dye It Blonde

Hippe indiekids hebben het tweede album van Smith Westerns waarschijnlijk al een paar maanden in huis (fysiek of digitaal), want aanvankelijk kwam het plaatje al in januari uit. Dye It Blonde is het snoepje van de maand, reeds maanden voordat de lekkernij in de schappen ligt.

In Nederland besloot de platenmaatschappij nog even te wachten met de release. Inmiddels is Dye It Blonde eindelijk legaal in Nederland te koop en links en rechts kreeg de band uit Chicago reeds positieve kritieken. Bovendien koketteren de bandleden met hun verantwoorde muzieksmaak; vooral glamrock uit de jaren zeventig.

Bij beluistering valt direct op dat met name T. Rex het muzikale referentiekader van Smith Westerns bepaald heeft. Op andere momenten zijn er duidelijke aanknopingspunten die wijzen op invloeden van Oasis (en dus John Lennon), Belle & Sebastian (en dus The Smiths) en David Bowie (en dus Mott The Hoople).

Het is lovenswaardig dat jochies van amper twintig jaar de platenkast van pa doorgespit hebben opzoek naar inspiratie en dat vertalen naar hun eigen belevingswereld. Maar waar de glamrockers van toen zich loswrikten van de ideologie van de voorgaande generatie, blijft Smith Westerns erg in het verleden steken.

Naïef

In een tijd waarin ouderwetse garagerock, soul en synthpop weer hip zijn, is Smith Westerns een prima aanvulling. Een handjevol leuke liedjes volstaat echter niet. Vanwege de naïeve teksten en het schuchtere stemgeluid van zanger Cullen Omori ligt de vergelijking met Bay City Rollers meer voor de hand dan die met Marc Bolan.

Wat er verder schort aan Dye It Blonde is de saaie productie van Chris Coad, met overal dezelfde presets en gitaareffecten. Desondanks zit er wel degelijk potentie in Smith Westerns, maar nu klinkt de band nog te zoet. Hoewel ook dat zijn charme heeft.

Lees meer over:
Tip de redactie