Hij is misschien wel Neerlands favoriete brulboei, die Bob Fosko. Zelfs al blèrt hij de meest willekeurige slogans, het klinkt gewoonweg aanstekelijk. Op Klassiek Raggen schreeuwt hij zijn bekendste werk bij elkaar. Al weet hij ook te ontroeren.

Het lijkt een onwaarschijnlijke combinatie; een orkest met Bob Fosko als zanger. Toch werkt het wonderwel. Sportnummers Trappe Trappe en Naar Vore klinken dankzij Het Kollektief Roest & Wrakhout dynamischer dan in hun oorspronkelijke uitvoeringen.

Het plezier straalt af van de nieuwe orkestrale versies van het anti-liefdesliedje Kramp Van Je Kanis, het alternatieve kerstlied Dit Jaar Wil Ik Sneeuw, de nederpunkklassieker Poep In Je Hoofd, protestlied Het Rijdt Niet en Nee’s Niks, de kortste Nederlandse single ooit.

Behalve nummers van de Raggende Manne, zingt Fosko De Fles (beroemd geworden in de versie van Jan Boezeroen) en Ik Ga Door, beiden eerder op plaat gezet voor De Gorelev. Dat was een band van Fosko, waarin hij levensliedjes zong.

Best

Wanneer je al deze liedjes zo naast elkaar hoort, dan krijg je toch weer zin om terug te grijpen naar zijn oude werk. Tijd voor een Best Of Bob Fosko, dus. Want nummers die hier jammerlijk ontbreken zijn Gekke Gerritje (De Gorelev), Ben D’r Helemaal Klaar Voor! (Blunt Axe) en Gabbersaurus (Hakkûhbar).

Fosko moet het vooral van zijn volume hebben, maar toch weet hij ook te vertederen wanneer hij een ingetogen liedje vertolkt, zoals Helemaal Niks Aan Jou of Willeke Alberti’s Telkens Weer. Zo zie je maar: grote mond, klein hartje.