Liefhebbers van analoge synthesizers en donkere soundscapes hebben er een nieuwe lieveling bij. Het uit Brighton afkomstige Mirrors levert met Lights And Offerings een opmerkelijk debuut af.

Van alle jaren tachtig-stijlen die de laatste jaren een revival doormaakte, is de pure synthpop de meest onderbelichte voor het grote publiek. Bands als MGMT en Hot Chip flirten openlijk met de stijl, maar combineren het nog altijd met gitaren. Zo niet Mirrors; zij maken enkel en alleen gebruik van synthesizers en drummachines.

Dit levert een album op dat meer klinkt als de jaren tachtig dan de jaren tachtig zelf. Lagen zoemende, piepende en krakende synthesizers en midtempo drumritmes worden gecombineerd met zang die het midden houdt tussen Robert Smith van The Cure en Andy McCluskey van OMD. Dit is geen nerdy dansmuziek, dit is bloedserieuze artpop.

In de eerste instantie wordt je weggeblazen door hoe authentiek alles klinkt. Er gebeurt niets dat ook niet in de eighties kon, maar gaandeweg blijkt dit ook meteen de zwakte van het album. Tegen het einde bekruipt het gevoel dat het hier om imitatie gaat.

Pastiche

Hele goede pastiche, na-aperij van de bovenste plank, maar desalniettemin pastiche. Ook bevat het album niet echt een song die met kop en schouders boven de rest uitsteekt. Ieder liedje is goed en een liedje op zichzelf, maar geen enkel liedje is heel goed.

Dit alles gezegd, is Lights And Offerings toch een fantastisch album van een band die we in de gaten moeten houden. Dit zou zo maar eens heel groot kunnen worden. De potentie heeft het in ieder geval.