In A Cabin With... heeft zich over de afgelopen jaren bewezen als een initiatief dat hele spannende resultaten af kan leveren. Het idee om muzikanten in hen hun onbekende omgeving te zetten met de opdracht aan muziek te werken, werpt duidelijk haar vruchten af.

Zo zijn Fragile Meadow van The Black Atlantic en de samenwerking L’Abattoir uit deze sessies ontstaan. Platen die uniek en sprankelend klinken. Een vonk gegeven in een nieuwe omgeving. Me & Stupid is het In A Cabin-moment van Carol van Dyk en Peter Visser, dé stem en dé gitaar van Bettie Serveert.

Maarten Besseling – de initiator achter In A Cabin With ... – nam het tweetal mee naar Australië, al waar deze plaat tot stand kwam met behulp van lokale muzikanten. Het resultaat is niet bepaald verrassend.

De signatuur van Van Dyk en Visser kleurt het geluid en brengt het erg dicht in de buurt van Bettie Serveert. Dit zonder het zoveelste werk van Bettie Serveert te zijn. Al is het alleen vanwege de tweede zang en het bredere instrumentarium (zoals een banjo in de akoestische versie van Me And Stupid).

Verrassend

Niet verrassend maakt het echter niet slecht. Sayonara Days met een dikke knipoog naar Pavement is een indiepopnummer zoals er al wel vaker uit de pen van het tweetal zijn gevloeid. En de wijze waarop deze overgaat in Shock & Awe is al even prachtige als dat nummer zelf.

Het is dat er twee titels in het boekje staan, anders zou je meteen geloven dat het een geheel is. Ook meteen het meest ingetogen dat we Van Dyk en Visser ooit hebben gehoord. Om vervolgens in Reciever helemaal los te gaan.

Ingetogen

Het is vooral de ingetogen kant die deze plaat onderscheidt van eerder werk. Natuurlijk wordt door Bettie Serveert ook wel eens gas terug genomen. Maar de velden van de americana waren nog niet eerder verkend. Me & Stupid doet dat wel in Dear Saint Rita Of Impossible Dreams.

Jammer is dan dat deze meteen wordt opgevolgd door 14th Floor. Voorspelbare gitaarpop. Hier komt ook het gemis van Herman Bunskoeke om de hoek kijken. Zijn haast natuurlijk groeiende en speelse baslijnen hadden het net dat extra zetje kunnen geven.

Ook al is het resultaat niet verrassend, Van Dyk en Visser bewijzen ook hier prachtige liedjes te kunnen schrijven. En dat dit dan veel weg heeft van Bettie Serveert, stoort nergens.