Twintig jaar geleden bracht de uit Manchester afkomstige band The Charlatans zijn debuutalbum Some Friendly uit. Deels geïnspireerd door de levendige Madchester-scene leverde dat een wisselvallig eerste album op. Nieuweling Who We Touch is van hetzelfde laken een pak.

Niet dat de stijl of de attitude van The Charlatans zich door slechts één of enkele nummers laat vangen. Wie door de discografie gaat spitten ontdekt de nodige – en vooral ook onnodige – afwisseling die de grillige Britten zich eigen hebben gemaakt.

Op Who We Touch laveren de Mancunians tussen de radiovriendelijke britpop van stadsgenoten James en The Stone Roses enerzijds en de gestileerde northern-soul en neo-sixtiesrock van Paul Weller anderzijds.

Voor de productie haalde The Charlatans opnieuw Martin Glover, oftewel Youth, binnen, die voorheen werkte met Killing Joke, The Cult, The Verve, Heather Nova, Embrace en Paul McCartney (als helft van het duo The Fireman).

Ronkend

De eerste tien seconden van het album zijn niet wat je verwacht van de band rondom zanger Tim Burgess. Met een rommelig, snel en bijna metalachtig intro trapt de band af op Love Is Ending. Bedolven onder de ronkende gitaarakkoorden blijkt het een desondanks een prettig popliedje.

Meteen daarna komt de zachte kant van The Charlatans weer bovendrijven op het charmante soulnummer My Foolish Pride. Trust In Desire bevat eenzelfde argeloze naïviteit, die de band sinds midden jaren ’90 niet meer heeft laten horen.

Vervelend

Halverwege de plaat lijkt de toewijding van de band af te nemen. Op het weinig overtuigende indie-protestlied Smash The System en het halfbakken Intimacy klinkt de nonchalante zang van Burgess zelfs ronduit vervelend. Hij herpakt zich op de springerige rocktrack Sincerity en de Beatleske wals Oh!.

Het album sluit af met het lome You Can Swim, dat de verborgen track I Sing The Body Eclectic bevat. Op dit ruim zes minuten durende psychedelische werkje is Burgess absent. De tekst is ingesproken door Penny Rimbaud, van postpunkband Crass.

Samenhang

Who We Touch is erg wisselend van kwaliteit. Dat geldt voor alle aspecten, inclusief de vocalen van Burgess en de composities zelf. Zelfs de productie van Youth is niet onderscheidend genoeg om een samenhang te kunnen constateren.

Maar dat is typerend voor The Charlatans. Na twintig jaar kan de band nog altijd goede popliedjes schrijven, maar een volledig album vullen blijkt nog steeds een zware opgave.

7/10