Samen tourend in 2004 maakten Jim James (My Morning Jacket), M. Ward en Conor Oberst (Bright Eyes) de afspraak om samen een plaat op te nemen. Bij menig fan ging bij die gedachte alleen al het hart sneller kloppen.

Het heeft vijf jaar geduurd, maar nu is het trio eindelijk tot een gezamenlijke opname gekomen. Of viertal eigenlijk, want ook hier ligt net als bij alle Bright Eyes platen de productie geheel in handen van Mike Mogis.

En het is met name aan de laatste te danken dat de supergroep als een geheel klinkt. De productie van de plaat is feilloos.

De gitaarsolos van Jim James liggen lekker in de mix, de samenzang van het drietal klopt precies. Percussie, slidegitaar, toetsen: wat ook wordt ingezet valt goed. Dat maakt de plaat het geheel dat hij is geworden.

Supergroep

Verder lijdt Monsters Of Folk aan dezelfde euvels waar menig andere supergroep aan lijdt. De samenwerking van de drie maakt niet het beste in elkaar los.

Nu zijn de laatste platen van Jim James en Conor Oberst ook niet hun beste werk, maar het is toch jammer dat ze die lijn hier op Monsters Of Folk doorzetten.

Oberst

In de egostrijd moet Oberst hebben gewonnen, daar de Bright Eyes stempel het zwaarst drukt op dit album. In Man Named Truth klinkt hij zowaar zelfs als een parodie op zijn betere werk.

Maar nergens haalt hij de kracht die hij op zijn eerste platen wel haalde. En dat geldt eigenlijk over de hele lijn, geen van de drie vlamt zoals ze kunnen.

Mix

De vijftien nummers bieden een mix van Amerikaanse indie, folk en elektronica maar weten nergens echt te pakken. Eigenlijk weet je al vanaf opener Dear God (sincerely M.O.F.) niet meer wat je met de plaat aan moet.

Flauwe drumcomputer met daarover een slowdanceballad die beter in de jaren ’80 had gepast. En als dan Say Please in wordt gezet is wel duidelijk dat deze plaat tussen de genres van de drie schrijvers gaat zwalken. Geen optelsom dus.

The Band

Monsters Of Folk is niet de meester van de folk, die titel blijft bij The Band. En interessant de samenwerking op papier ook mogen klinken, het predikaat super verdient deze, net als de meeste supergroepen, niet.

Een plaat die leuk is voor de liefhebbers van de drie, maar op generlei wijze de harten sneller doet kloppen nu dat hij uit is.

6/10