Yo La Tengo is een begrip in de indierock dat zich dan ook niet meer hoeft te bewijzen. Het twaalfde album past precies in de lijn van de voorgaande, een mix van melodische en experimentele composities.

De grote variatie aan stijlen die worden geëtaleerd en beheerst op Popular Songs is niet nieuw voor de groep en het is ook weer gelukt.

Alles klinkt oprecht Yo La Tengo, gelaagd geluid van mistige psychedelica, fuzzpop en een vintage klassiek geluid toegevoegd aan de Velvetiaanse kern van de beginjaren. De band is geschoold, maar nergens klinkt ze overdreven intellectueel of koud.

Pareltjes

Popular Songs lijkt opgedeeld in twee delen, wellicht om beide groepen aan fans te behagen. Het eerste gedeelte bevat de popliedjes, het tweede bestaat uit de langere repetitieve nummers die meer geduld vereisen dan de negen pareltjes daarvoor.

Toch is opener Here To Fall niet wat je van de groep zou verwachten. Geen gitaaracrobatiek van Ira Kaplan en lichtelijk dreigend, voortgeduwd door elektrische piano en strijkers.

In de meeste nummers zijn toetsen de hoofdrolspeler in het instrumentarium, waar alles omheen wordt gebouwd. Muzikaal ademt de plaat de jaren ’60, zij het Motown (Periodically Double Or Triple), dromerige psychedelica (By Two’s) of typische indierock (Nothing To Hide) waar J Mascis om zou moeten giechelen.

Shoegazing

If It’s True is het liedje waar God Help The Girl van hoopte het te schrijven, met een perfect duet tussen Kaplan en Hubley, en dan komen de shoegazing-tracks. Daar slaat de sfeer enorm mee om, minder speels, maar nog steeds als in een dagdroom.

Het is een behoorlijke wissel op de rest van het album, als het verschil tussen lichte en REM slaap. Popular Songs heeft ze niet nodig, en je krijgt dan ook enigszins het idee dat ze deze er voor zichzelf in hebben gestopt.

Duidelijk is dan ook dat Yo La Tengo nog steeds gewoon doet wat ze wil, en hoe ze dat wil. Subtiel en intens tegelijk, Popular Songs is al een beetje een klassieker.

7/10