Wild Beasts - Two Dancers

In 2008 debuteerde Wild Beasts met Limbo, Panto. Een plaat die door critici positief werd ontvangen, maar verder weinig aandacht kreeg. Slechts een jaar later komt het kwartet uit Leeds met hun tweede langspeler.

En al bij de eerste toon is duidelijk dat Two Dancers de aandacht nog meer verdient dan zijn voorganger.

Was Limbo, Panto nog een behoorlijke zit die de nodige luisterbeurten nodig heeft voor dat het kwartje valt, Two Dancers is een cd die meteen pakt.

Door dat er meer ruimte is gekomen voor de vocalen van Fleming krijgt de band meer diepte.

Hierdoor wordt de falset van Thorpe door lagen omringt en op een aantal nummers zelfs naar de achtergrond verdrongen (All Kings Men, Two Dancers).

Percussie

De door percussie gedreven indiepop heeft veel weg van Roxy Music met Antony Hegarty (Antony And The Johnsons) op zang.

Verleidelijke pop met een intelligente hoek in zowel het geluid als de teksten. Wild Beasts speelt met woorden en creëert daarmee een beeld van de Engelse jeugd zoals The Smiths dat in de jaren ’80 deden.

Op verschillende niveaus hoor je de Britse indiepop van de afgelopen decennia in de muziek terug komen. Maar daarnaast valt ook een lijn te trekken met Grizzly Bear, mede door de gelaagdheid in de muziek en het spannende gebruik van potten en pannen. Zo zou The Empty Nest niet hebben misstaan op Veckatimest.

Verrast

Two Dancers is een plaat die keer op keer verrast, en eigenlijk elke keer beter wordt. Omdat te kunnen horen moet je even door de stem van Thorpe heen bijten.

Hooting and Howling, de eerste single is dan een mooi beginpunt. Het vervoert en drijft je voort, weet te versnellen en te vertragen in de zelfde aanslag. Een nummer voor de hitlijsten.

En dat kan eigenlijk voor de gehele plaat gezegd worden. Gooi Mika, Editors, Maccabees, Brian Ferry en avontuur in een groot vat en laat dat een paar weken goed gisten, dan krijg je deze plaat van Wild Beasts. En dat is alles behalve vervelend.

8/10

Tip de redactie