Het beter benutten van bestaande en nieuwe technologische voorzieningen kan ervoor zorgen dat meer mensen met een beperking aan het werk kunnen en aan het werk blijven.

Dat concludeert het UWV in een donderdag gepubliceerd rapport.

Mensen met een beperking ervaren nu regelmatig belemmeringen bij het vinden en behouden van een baan. Dit komt onder meer door hun beperkte inzetbaarheid, gezondheidsproblemen en een gebrek aan kennis en begrip onder werkgevers.

Nu worden al wel bijvoorbeeld geavanceerde spraakcomputers gebruikt voor blinden en slechtzienden. Ook kunnen slechtzienden een monitorarm gebruiken.

Veel toepassingen worden volgens het UWV vooral ontwikkeld voor de zorgsector, terwijl de ontwikkeling van toepassingen voor het ondersteunen van mensen op de werkvloer achterblijft.

Behoeftes

Om dit wel te bereiken, zouden ontwikkelaars de behoeftes van werknemers, begeleiders en werkgevers moeten kennen. Volgens het onderzoek is de eindgebruiker in de context van zijn of haar werk nu "vaak niet of nauwelijks in beeld" bij de ontwikkelaars van de technologieën.

Uit het onderzoek blijkt dat potentiële gebruikers vinden dat de inzet van technologie niet stigmatiserend mag werken. Zo hebben ze het liefst dat hulpmiddelen, zoals bijvoorbeeld een augmented-realitybril, voor alle medewerkers worden ingezet en niet alleen voor de groep met een lichte beperking.

Ook zouden de technologische hulpmiddelen het werk niet mogen reduceren tot basale taken, maar de mogelijkheden juist uit moeten breiden. Verder vinden ze dat technologie het menselijke contact met begeleiders en werkgevers niet mag vervangen.

Serious gaming

Uit onderzoek blijkt dat serious gaming, augmented reality, activiteitentrackers en omgevingssensoren mensen met een lichte beperking bij hun werk kunnen ondersteunen.

Serious gaming kan bijvoorbeeld gebruikt worden voor het trainen in arbeidsvaardigheden of om kennis over een specifieke werkplek aan te leren. En het meten van iemands hartslag met een activiteitentracker kan helpen stress of spanning op de werkvloer te herkennen.

Ook onder meer robotassistenten, digitale assistenten, uitwendige gemotoriseerde skeletten, middelen voor ondertiteling en vertaling, spraakgestuurde apparaten en gepersonaliseerde producten kunnen helpen bij het vergroten van de arbeidsparticipatie van deze groep.