Helft ontvangers uitkering wil of kan niet aan de slag

Iets meer dan de helft van de mensen met een uitkering, wil of kan niet werken. 

Dat meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) zaterdag.

In 2016 hadden 1,1 miljoen Nederlanders tussen de 15 en 65 jaar een WW-, bijstands- of arbeidsongeschiktheidsuitkering. Zo'n 46 procent van hen wil graag weer aan de slag en kan dat ook.

Van de mensen met een WW-uitkering wil of kan 9 procent niet werken. In de bijstand geldt dat voor 47 procent en van de arbeidsongeschikten heeft 79 procent geen mogelijkheid om aan het werk gaan.

Ziekte en arbeidsongeschiktheid

Voor acht van de tien mensen met een uitkering is ziekte of een andere lichamelijke hindernis de voornaamste reden om niet te werken. Daar zit de relatief grote groep arbeidsongeschikten tussen. Zij staan uiteraard bijna allemaal om deze redenen aan de kant.

Maar ook 70 procent van alle ontvangers van een bijstandsuitkering heeft een lichamelijke reden om niet te werken. Van de WW-ontvangers is dat altijd nog ruim een derde.

Andere veelgenoemde redenen om niet te kunnen werken, zijn zorgtaken voor het gezin, een hoge leeftijd of een opleiding of studie die te veel tijd opslokt.

Deeltijd

Naast de 1,1 miljoen niet-werkenden, waren er nog eens 363.000 mensen die wel aan de slag zijn, maar ook een uitkering ontvangen. Dit komt vooral veel voor in de WW. Het geldt voor ruim vier op de tien gevallen.

Het zijn bijvoorbeeld mensen die twee banen hadden, maar er één zijn kwijtgeraakt. Van de bijstandontvangers zit een op de zeven in zo'n situatie. 

Een op de vijf is arbeidsongeschikt en gedeeltelijk afgekeurd, wat betekent dat ze nog een aantal uren werken.

Lees meer over:
Tip de redactie