'Gepeste werknemer moet geen ambtenaar worden'

Werkgevers geven niet vaak genoeg toe dat er binnen hun bedrijf gepest wordt. Ziekteverzuim en werkstress komen wel ter sprake, maar het fenomeen pesten is nog steeds een groot taboe.

Dat zegt voorzitter Laura Willemse van Stichting Pesten op de Werkvloer in een interview met NU.nl.

"Werkgevers willen het liever niet toegeven. Het is schaamtevol en best heftig als het binnen de deuren van je eigen bedrijf plaatsvindt", licht ze toe. Volgens haar komt het negatieve gedrag "ontzettend veel voor".

Honderdduizenden mensen worden stelselmatig gepest op hun werk. En in de helft van de gevallen treitert een leidinggevende zelfs mee. Volgens een eerder gedaan onderzoek van vakcentrale CNV en de Universiteit Twente wordt ruim 17 procent van alle Nederlandse werknemers structureel gepest. Dat komt neer op 250.000 tot 350.000 mensen.

Uit een enquête van het Centraal Bureau voor de Statistiek blijkt dat 7,1 procent van de ondervraagde werknemers vorig jaar door een leidinggevende of collega wer gepest. Nog eens 5,8 procent is door klanten getreiterd.

En dan gaat het niet om een incidenteel plagerijtje. "Als er een plaaggeest op de afdeling is, dan is iedereen wel eens aan de beurt. Maar als altijd dezelfde persoon wordt uitgezonderd, dan gaat het om pesten", legt de voorzitter uit.

Hoewel werkgevers volgens de Arbowet hun personeel tegen agressie en geweld moeten beschermen, heeft toch maar de helft van de bedrijven een beleid tegen pesten. "Het is dramatisch slecht geregeld en dat is te bizar voor woorden", vindt Willemse.

Isoleren

Sociaal isoleren is een van de meest voorkomende pesterijen. Het slachtoffer wordt dan bijvoorbeeld als enige niet meegevraagd voor de lunch. In andere gevallen probeert de pester het zijn slachtoffer zo moeilijk mogelijk te maken. Dat doet hij bijvoorbeeld door de vervelendste klusjes uit te delen of verkeerde vergadertijden door te geven.

Pesten kan ook een stuk explicitieter. Structureel geroddel kan iemands reputatie schaden. Soms worden mensen openlijk bespot om hun uiterlijk, gedrag of andere eigenschap.

Nog een stap verder gaan dreigementen of zelfs lichamelijk geweld. Dat varieert van seksuele intimidatie, tot duwen op de trap of expres hete koffie over iemand heen morsen. Willemse denkt dat het vaak begint met sociaal isoleren. Het wordt langzamerhand erger als het getreiter wordt geaccepteerd.

Eigenbelang

Veel treiteraars pesten uit eigenbelang. Door vervelend te doen, proberen ze hun eigen invloed te vergroten. "Pesten geeft macht. De pester denkt zo een betere positie in de groep te krijgen", vertelt Willemse.

Soms treitert iemand juist vanwege een eigen minderwaardigheidscomplex. Door de ander zwakker te laten lijken en zichzelf groter te maken, hopen ze die onzekerheid te kunnen verbloemen.

Andere collega's pesten onbewust. Ze gaan bijvoorbeeld mee in groepsgedrag, geven geen aandacht aan een specifieke collega of roddelen over hem of haar. Willemse denkt dat deze groep niet echt doorheeft hoe "ziek en ellendig" een collega daar van kan worden.

Angst

Pesterijen leiden bij slachtoffers niet zelden tot depressies, angststoornissen of posttraumatische stressstoornissen. Het kan uiteindelijk zelfdoding tot gevolg hebben. Zelfs als een slachtoffer ergens anders is gaan werken, kunnen zulke angsten nog jaren later een stempel op een loopbaan drukken.

De persoonlijke schade die slachtoffers oplopen, uit zich volgens Willemse in wantrouwen, angst, niet durven presteren en passiviteit. Ze kunnen dan maar moeilijk functioneren in een groep nieuwe collega's. "Dan ben je je sociaal al raar aan het gedragen en dan moet je nog beginnen aan de groep."

Ze denkt dan bijvoorbeeld aan een gepeste vrouw die haar stichting zelf heeft begeleid. Op haar nieuwe werkplek viel ze op de vierde dag flauw van de spanning, ook al deden haar nieuwe collega's gewoon aardig. De werkneemster is uiteindelijk goed opgevangen en heeft het inmiddels naar haar zin op de werkplek.

Slachtoffer

Er bestaat niet een specifiek soort slachtoffer, maar er zijn wel eigenschappen die gepeste werknemers vaker hebben. "Slachtoffers zijn vaak mensen die heel nauwkeurig zijn en hard werken." Dat geldt ook voor mensen die opvallen door intelligentie of veel over hebben voor de baas. Zij worden door een pester soms als bedreiging gezien, omdat ze misschien beter werk afleveren.

Ook mensen die onzeker overkomen, zenuwachtig zijn of een tic hebben, hebben een grotere kans op pesterijen. Opvallend genoeg worden ook collega's getreiterd die juist heel zelfbewust zijn. Willemse legt uit dat dat er lacherig wordt gedaan over mensen die "zichzelf heel geweldig" vinden.

Stappen

"Pesten is een structureel machtsmiddel. Er is niet iets wat je even kan doen waardoor het ophoudt", zegt Willemse. Maar iemand die gepest wordt, kan wel proberen zijn eigen situatie te verbeteren. Als er genoeg vertrouwen is, kan het slachtoffer met zijn verhaal naar een leidinggevende stappen. Ook het aanspreken van een vertrouwenspersoon, de personeelsafdeling, een vakbond of bedrijfsarts zijn mogelijke opties.

Als een leidinggevende ook meepest, wordt het lastig om intern hulp te vinden. Soms is een vertrouwenspersoon of bedrijfsarts door de pestende manager zelf aangesteld. Dan kan het verstandig zijn om buiten het bedrijf hulp te zoeken.

Werkgevers halen volgens Willemse in veel gevallen hun schouders op als zij van het pestgedrag op de afdeling horen. "Aanstelleritis of overgevoeligheid" noemen ze dat dan. Omdat pesten moeilijk is te bewijzen, raadt ze getroffenen aan om het zoveel mogelijk vast te leggen.

Solliciteren

Ook bij het zoeken naar een nieuwe baan kan iemand bewust op zoek gaan naar een bedrijf met een open en positieve bedrijfscultuur. Het is handig om een mogelijk toekomstige collega te spreken en te ontdekken hoe het zit met diens loyaliteit en motivatie.

Prestatiegerichte bedrijven kunnen beter vermeden worden. En ook sectoren waarin bezuinigd wordt, kunnen risicovol zijn. Als werknemers onzekerder zijn over hun positie, willen ze zich meer profileren en onderscheiden. Dat kan pestgedrag in de hand werken.

"Je moet geen ambtenaar worden. De ambtenarij is een van de meest pestgevoelige takken", stelt Willemse. Dat komt onder meer doordat het een heel beschermd beroep is en ambtenaren vaak op elkaar zijn aangewezen.

"Overpresteren is not done bij de overheid en semioverheid." Ze heeft het dan niet alleen over gemeenten, provincies en ministeries, maar ook over zelfstandige bestuursorganen en het onderwijs.

NZa

Willemse noemt de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) als een voorbeeld van een "heel zieke organisatie". Het bestuursorgaan raakte afgelopen april in opspraak.

NZa-werknemer Arthur Gotlieb kreeg het gevoel dat hij werd buitengesloten en tegengewerkt. Hij had kritiek op het management en op de manier waarop zijn leidinggevenden met hem omgingen.

Nadat Gotlieb een slechte beoordeling kreeg, schreef hij een gedetailleerd bezwaarschrift over misstanden in de organisatie. Vlak daarna beroofde hij zichzelf van het leven.

Een organisatie moet pestgedrag vanuit de hoogste laag aanpakken. Maar als managers daar zelf bij betrokken zijn, zoals bij de NZa het geval was, wordt dat volgens Willemse "vechten tegen de bierkaai".

Model

Komende donderdag presenteert een onderzoeksinstituut van de Vrije Universiteit (VU) samen met de stichting van Willemse een model om pesten op de werkvloer tegen te gaan. Het stappenplan is gebaseerd op principes uit de gedragstherapie. Het model gaat ervan uit dat werkgevers beter positief gedrag kunnen belonen, dan pestgedrag afstraffen.

"Het zal denk ik niet makkelijk gaan", denkt Willemse, maar ze hoopt werkgevers ervan te overtuigen dat ze pestgedrag op een positieve manier kunnen tegengaan.

'Werkgever moet pestend personeel niet straffen'

Lees meer over:
Tip de redactie