Eigenaren van schip bij brugramp Baltimore treffen schikking over opruimkosten
De eigenaar en de exploitant van het containerschip dat eind maart tegen een brug in de Amerikaanse stad Baltimore botste, gaan de kosten betalen voor het opruimen van de ingestorte brug. Het bedrijf heeft daarover een schikking getroffen met de overheid.
De schikking gaat niet over de bouw van een nieuwe brug. De kosten daarvan worden geschat op twee miljard euro. De staat Maryland heeft daarvoor een eigen aanklacht ingediend tegen de bedrijven Green Ocean Private Limited, de eigenaar van het schip, en Synergy Marine Pte Ltd, de exploitant.
Volgens het ministerie had de ramp voorkomen kunnen worden als de eigenaar en de exploitant zich aan de veiligheidsvoorschriften hadden gehouden en de bemanning goed hadden opgeleid.
Toen het vrachtschip Dali op 26 maart de haven van Baltimore verliet, raakte het stuurloos en voer het tegen een pilaar van de brug. Die stortte vervolgens in. Zes wegwerkers die op de brug aan het werk waren, kwamen daarbij om het leven. Ook raakte het scheepvaartverkeer naar de haven van Baltimore gestremd omdat de brokstukken van de brug de vaarweg blokkeerden.
Het schip kon pas na twee maanden worden weggehaald. In juni was het scheepvaartverkeer weer helemaal hersteld.
Schikking kwam snel tot stand
De Amerikaanse autoriteiten zijn opgelucht dat er een akkoord is bereikt. "Deze schikking zorgt ervoor dat de kosten gedragen worden door de beheerders van het schip en niet door de belastingbetaler", meldt het ministerie van Justitie.
Er lopen nog meer aanklachten tegen de eigenaar en de exploitant van het schip. Onder meer nabestaanden van de slachtoffers en bedrijven die hinder hadden door de stremming hebben een zaak aangespannen. Ook onderzoekt de FBI nog of de eigenaren of bemanning strafrechtelijk vervolgd kunnen worden.

