Fors minder aanvallen op Amerikaanse bases in Midden-Oosten
De aanhoudende aanvallen op Amerikaanse bases in Syrië en Irak zijn sinds begin februari vrijwel gestopt. Iran heeft pro-Iraanse milities in die landen gevraagd verdere escalatie te voorkomen.
Amerikaanse troepen in de regio lagen de afgelopen maanden veelvuldig onder vuur. De VS registreerde vóór februari 170 aanvallen in ongeveer vier maanden tijd.
De situatie escaleerde toen drie Amerikaanse militairen om het leven kwamen bij een beschieting van een basis in Jordanië. De VS reageerde begin februari met grootschalige vergeldingsaanvallen.
De Iraanse topgeneraal Esmail Ghaani zou begin januari in Teheran en Bagdad spoedoverleg hebben gevoerd om dat te voorkomen. Zo kregen Iraakse milities naar verluidt van hem te horen dat inmiddels voldoende vooruitgang is geboekt bij het onder druk zetten van de Amerikanen.
De nieuwe aanpak wordt gezien als een aanzienlijke koerswijziging voor Iran. Dat zou bondgenoten als Hezbollah, Houthi-rebellen en de Islamitische Jihad eerder juist hebben aangemoedigd om Amerikaanse bases te bestoken. Iran zou inmiddels bang zijn dat een directe oorlog met de VS juist kan uitpakken in het voordeel van aartsrivaal Israël, dat internationaal nu veel kritiek krijgt om de humanitaire crisis in de Gazastrook.

