Turkse drone doodt volgens Koerden vier PKK-leden in Noord-Irak
Bij een aanval door een Turkse drone zijn zondag in Noord-Irak ten minste vier leden van de Koerdische Arbeiderspartij PKK omgekomen. Het gaat volgens de lokale antiterrorismedienst om een "hoge partijfunctionaris" en drie strijders.
De Koerden hebben een semiautonome regio in Noord-Irak. Volgens de Koerden werden de vier gedood toen "een Turkse drone hun voertuig in de Jal-Mir regio op de berg Sinjar aanviel".
De PKK wordt door onder andere de Europese Unie en de Verenigde Staten als terroristische organisatie gezien. De beweging strijdt al veertig jaar tegen Turkije, waarbij het conflict zich regelmatig naar het noorden van Irak verspreidt.
Het Turkse leger geeft zelden commentaar op de aanvallen in Irak, maar voert routinematig militaire operaties uit tegen bases van de PKK in Koerdistan en het district Sinjar. Dat is de thuisbasis van een lokale jezidibeweging die is aangesloten bij de PKK: de Sinjar-verzetseenheden. Turkije zette de afgelopen 25 jaar tientallen militaire bases op in Iraaks Koerdistan om tegen de groep te vechten.
Eind vorige maand werden in Noord-Irak zeven PKK-leden gedood bij twee droneaanvallen tijdens een bezoek van de Turkse minister van Buitenlandse Zaken Hakan Fidan aan Irak. In de zomer van 2022 kwamen bij aanvallen op een toeristenresort in Noord-Irak negen mensen om, voornamelijk vakantiegangers uit het zuiden van Irak.
Turkije ontkende iedere verantwoordelijkheid en beschuldigde de PKK van de aanval.
