Vanaf oprichting sprake van misbruik en geweld bij SOS Kinderdorpen Suriname
Zeker negentien kinderen en jongvolwassenen zijn bij de Surinaamse tak van SOS Kinderdorpen slachtoffer van misbruik geweest. Het misbruik speelde van de oprichting in 1972 tot de sluiting in 2006.
Nadat in 2021 verhalen van geweld en seksueel misbruik in kinderdorpen naar buiten kwamen, vroeg SOS Kinderdorpen Verinorm om onderzoek te doen. Het onderzoeksbureau gebruikte daarvoor documenten en hield 35 interviews met onder andere slachtoffers en oud-medewerkers.
De slachtoffers werden bijvoorbeeld gedwongen tot seksuele handelingen. Ook zagen ze hoe anderen werden misbruikt. "Zo waren sommige respondenten getuige van een of meer zeer ernstige gewelddaden tegen baby's, soms hun eigen zusje of broertje", schrijven de onderzoekers.
Het misbruik zou zijn gepleegd door vijf leidinggevenden: bijna de helft. Dat wekt volgens de onderzoekers de indruk dat het misbruik "structureel van aard was". Een van de leidinggevenden is door de rechter veroordeeld tot een gevangenisstraf van 3,5 jaar voor seksueel misbruik van een twaalfjarig meisje.
Naast seksueel geweld, was er ook sprake van fysiek en psychisch misbruik. Zo zijn kinderen geslagen met stokken, gekleineerd of verwaarloosd.
SOS Suriname 'is ernstig tekortgeschoten'
SOS Kinderdorpen zegt tegen het actualiteitenprogramma dat SOS Suriname "ernstig is tekortgeschoten". De organisatie laat weten dat de mishandelingen niet in lijn zijn met haar principes en dat het beleid de afgelopen jaren is aangescherpt.
"We kunnen de tijd niet terugdraaien, maar stellen alles in het werk om de slachtoffers nu ondersteuning te bieden op psychosociaal en financieel gebied en steun voor de langere termijn."
Volgens een woordvoerder van SOS Kinderdorpen krijgen slachtoffers elke maand geld voor eerste levensbehoeften. Ook worden ze geholpen met psychosociale hulp, sollicitatieondersteuning of bij het opstarten van een eigen bedrijf.
