Kopstuk Rwandese genocide na 22 jaar op de vlucht opgepakt in Zuid-Afrika
Kayishema was in de jaren negentig politie-inspecteur in Rwanda. Hij was in 1994 betrokken bij de moord op vijftienhonderd tot tweeduizend Tutsi-vluchtelingen die zich in een kerk verscholen.
De Tutsi's hadden zich in de Nyange-kerk verstopt voor het geweld. De Hutu's, naar verluidt onder leiding van Kayishema, staken het kerkgebouw vervolgens in brand. Met bulldozers braken ze de kerk daarna verder af, terwijl de vluchtelingen nog binnen waren.
Een internationaal tribunaal verklaarde Kayishema in 2001 schuldig aan het organiseren van de moord op zeker vijftienhonderd mannen, vrouwen en kinderen. Sindsdien was hij op de vlucht, tot hij woensdag werd aangehouden in de Zuid-Afrikaanse stad Paarl. De Verenigde Staten hadden een beloning van 5 miljoen dollar (4,7 miljoen euro) op zijn hoofd gezet.
"Door deze arrestatie kan hij eindelijk verantwoordelijk gehouden worden voor zijn misdaden. Het toont aan dat niemand voor altijd kan wegrennen voor zijn daden", zegt hoofdaanklager Serge Brammertz namens het internationale tribunaal. Kayishema wordt vrijdag voorgeleid in Kaapstad.
Tijden de Rwandese genocide kwamen in drie maanden tijd naar schatting 800.000 leden van de Tutsi-minderheid om. De meesten werden vermoord door leden van het door de Hutu's geleide overheidsleger.

