Tussentijdse verkiezingen VS: Hebben de Democraten te vroeg gepiekt?
In de afgelopen lente zakten de populariteitscijfers van president Joe Biden naar een dieptepunt. Peilingen lieten zien dat de Republikeinen grote kans hadden om zowel de meerderheid in het Huis van Afgevaardigden als die in de Senaat over te nemen. De zomer werd hoopgevender voor de Democratische Partij.
Van abortus naar de economie
Eerder in het jaar ging het vooral over de economische problemen die grote delen van de wereld parten spelen, zoals hoge inflatie en stijgende energieprijzen. De regering-Biden wist een paar ambitieuze wetten door het Congres te loodsen, waaronder eentje met de strategisch gekozen naam Inflation Reduction Act (inflatieverminderingswet). Een daling van de brandstofprijzen zorgde ervoor dat de portemonnees van kiezers minder hard werden geraakt bij de benzinepomp. Bidens populariteit klom geleidelijk uit het diepe dal van voor de zomer.
Met slechts drie weken te gaan tot de verkiezingen lijkt het beeld weer te kantelen. De brandstofprijzen stijgen opnieuw en de inflatie blijft een hardnekkig probleem. Tegelijkertijd is de ophef over het abortusrecht grotendeels van de voorpagina's verdwenen. De Republikeinen voeren campagnes die vooral draaien om de economie en misdaad.
Peilingen laten zien dat die twee onderwerpen veruit de belangrijkste verkiezingsthema's zijn voor veel Amerikanen. Onder meer bij een groep die weleens de doorslag zou kunnen geven in races waarin het erom spant: vrouwelijke onafhankelijke kiezers. De Democratische hoop dat zij over de streep konden worden getrokken met de abortuskwestie zou vergeefs kunnen zijn.
Democraten lijken Huis kwijt te raken
In de Amerikaanse politiek is het een hardnekkig geloof dat de partij van de zittende president flink wat zetels in het Congres kwijtraakt bij de tussentijdse verkiezingen. Dat is lang niet altijd zo. Het gebeurde bijvoorbeeld niet in 2002 en 2014. Maar als het wel gebeurt, is het verlies vaak zo fors dat het goed blijft hangen in de herinnering. Neem 2010, toen de Democraten maar liefst 63 zetels in het Huis van Afgevaardigden moesten afstaan en de toenmalige president Barack Obama erkende dat de kiezer zijn partij een "serieus pak slaag" had toegediend.
Als de trends in de peilingen die in september werden ingezet zich vertalen naar het stemhokje, kunnen de Democraten ook dit jaar afscheid nemen van hun meerderheid in het Huis van Afgevaardigden. Zelfs als dat geen enorme nederlaag à la 2010 wordt, kan elk Republikeins overwicht het de regering van Biden knap lastig maken tijdens de laatste twee jaar van zijn eerste termijn.
Race om Senaat is spannender
In de Senaat hebben de Democraten een betere kans om hun nipte meerderheid te behouden. Dat heeft ermee te maken dat maar een derde van de senaatszetels wordt vergeven, tegenover alle zetels in het Huis. Daarnaast draaien senaatsraces wat meer om de persoonlijkheden van de kandidaten.
Republikeinse kandidaten zoals tv-beroemdheid dr. Mehmet Oz (Pennsylvania) en oud-footballster Herschel Walker (Georgia) hebben de zegen van oud-president Donald Trump. Maar zij worden niet gezien als de sterkste keuzes in de strijd tegen de Democraten. "De kwaliteit van de kandidaten heeft veel invloed op de uitkomst", zei een pessimistische Mitch McConnell, de Republikeinse fractievoorzitter in de Senaat, half augustus.
Wel moet worden vermeld dat de Republikeinen in de Senaat maar een nettowinst van één zetel nodig hebben om de huidige Democratische meerderheid te breken. En hoewel Oz en Walker allebei iets achterlopen op hun rivalen, zijn die afstanden niet zo groot als vooraf door sommigen werd gedacht. Het wordt dus sowieso spannend op 8 november.
