De Amerikaanse apothekers CVS, Walgreens en Walmart moeten twee districten in de staat Ohio een bedrag van in totaal 650,5 miljoen dollar (bijna 640 miljoen euro) betalen vanwege de jarenlange verkoop van verslavende pijnstillers. Niet eerder werden verkopers - en dus niet distributeurs of farmaceuten - door een rechter zo duidelijk aansprakelijk gesteld voor hun rol in de opiatencrisis.

Veel Amerikanen zijn verslaafd aan een vorm van pijnstilling, wat ook wel de opiatencrisis wordt genoemd. Tussen 1999 en 2018 stierven volgens de Amerikaanse gezondheidsdienst CDC bijna een half miljoen Amerikanen aan een overdosis van legale of illegale pijnstillers. Het gaat om onder meer morfineachtige middelen als oxycodon en fentanyl.

Lake County en Trumbull County in Ohio krijgen de komende vijftien jaar van CVS, Walgreens en Walmart ieder ruim 300 miljoen dollar om de gevolgen van deze gezondheidscrisis te bestrijden. Het geld gaat naar onder meer onderwijs en preventie.

De rechter oordeelde woensdag dat de bedrijven "jarenlang door bleven gaan met het verstrekken van grote hoeveelheden pijnstillers, terwijl signalen dat de medicijnen werden misbruikt massaal werden genegeerd", schrijft The New York Times. Daardoor zouden de apothekers verantwoordelijk zijn voor een derde van het totale schadebedrag in de districten. De farmaceuten en distributiebedrijven dragen de rest van de verantwoordelijkheid.

Amerikaanse media meldden vorige maand dat farmaceut J&J en de drie grootste distributeurs van medicijnen in de VS akkoord gingen met een schikking van 26 miljard dollar, waardoor in één keer een einde werd gemaakt aan duizenden rechtszaken die zijn aangespannen tegen de bedrijven.