Het hoofd van de mensenrechtenorganisatie Amnesty in Oekraïne, Oksana Pokaltsjoek, stapt op. De aanleiding is het rapport dat eerder deze week werd gepubliceerd, waarin staat dat het Oekraïense leger burgers in gevaar brengt in de oorlog met Rusland. Pokaltsjoek zegt het niet eens te zijn met wat Amnesty schreef.

"Het doet me pijn dit toe te geven, maar we waren het oneens met de leiding van Amnesty International. Daarom heb ik besloten de organisatie te verlaten", schrijft Pokaltsjoek op Facebook. "In een poging om burgers te beschermen, is dit rapport Russische propaganda geworden."

Pokaltsjoek zegt dat de Oekraïense afdeling van Amnesty meerdere keren liet weten dat ze rekening moesten houden met de positie van de Oekraïense defensie. Volgens haar is dat uiteindelijk niet gebeurd.

Ook president Volodymyr Zelensky uitte donderdag felle kritiek op het rapport. "De verantwoordelijkheid wordt zo van de agressor naar het slachtoffer verschoven." Met het rapport "probeert de mensenrechtenorganisatie de Russische terreur goed te praten", zei Zelensky.

Amnesty International schreef donderdag dat het Oekraïense leger zijn eigen burgers in gevaar brengt door van woonwijken, dorpen, woningen, flatgebouwen, ziekenhuizen en scholen militaire doelen te maken. Dat werd geconcludeerd op basis van onderzoek dat de mensenrechtenorganisatie tussen april en juli uitvoerde. Wel schreef Amnesty dat dit "op geen enkele manier" de willekeurige Russische aanvallen rechtvaardigt. "Alle partijen bij een conflict moeten te allen tijde onderscheid maken tussen militaire doelen en burgerobjecten."