Reddingswerkers zijn druk bezig met het zoeken naar overlevenden na de aardbeving met een kracht van 6.1 in Afghanistan, waarbij zeker duizend mensen om het leven kwamen en vijftienhonderd mensen gewond raakten. Donderdag zijn hulpverleners ook begonnen met het graven van massagraven.

De verwachting is dat het aantal doden de komende dagen nog verder oploopt, omdat nog niet iedereen is gevonden. Zeker achttienhonderd huizen zijn verwoest. De reddingswerkzaamheden worden bemoeilijkt doordat de meeste schade in moeilijk begaanbaar bergachtig gebied is.

"De aardbeving in Afghanistan treft een land waar ongeveer twintig miljoen mensen al niet meer wisten hoe ze iedere dag te eten zouden krijgen", aldus de directeur van de Duitse hulporganisatie Welthungerhilfe.

Sinds de Taliban in 2021 Afghanistan heroverden, zijn het land veel sancties opgelegd, waardoor er een groot voedseltekort is. "De lokale autoriteiten hebben al gezegd dat buitenlandse hulp welkom is." De Afghaanse overheid kan dit volgens de organisatie moeilijk alleen doen.

De aardbeving van woensdag is al de dodelijkste sinds 2002. Het epicentrum lag 44 kilometer van de zuidoostelijke stad Khost. Het Rode Kruis heeft tenten, matrassen, kussens, dekens, medicijnen, keukengerei en voedselhulp naar het gebied gestuurd.

Afghanen vluchten per helikopter na zware aardbeving
41
Afghanen vluchten per helikopter na zware aardbeving