Achter de Poolse grens met Belarus zijn vorig jaar tweeduizend vluchtelingen vastgezet in detentiecentra, meldt een recent verschenen onderzoek van Amnesty International. De Poolse autoriteiten maakten zich schuldig aan geweld en onterechte opsluiting van de migranten. De hoofdonderzoeker spreekt van een hypocriet vluchtelingenbeleid.

Vluchtelingen uit landen als Syrië, Irak en Afghanistan werden in eerste instantie teruggestuurd naar Belarus, terwijl zij recht hebben op een asielprocedure aan de Europese grens. In plaats daarvan dreigden Poolse grensautoriteiten soms met wapens zodat de vluchtelingen zouden terugkeren.

De Belarussen gebruikten ook geweld en honden om de migranten juist naar de Poolse grens toe te forceren. Daar wachtte hen prikkeldraad en temperaturen onder nul. Sommigen deden wel twintig tot dertig pogingen om de Poolse grens over te steken.

Als de Poolse douane hen weigerde, dreven de Belarussische grenswachten de vluchtelingen naar een soort verzamelplaatsen. Daar bleven ze dagenlang zonder eten, drinken of onderdak. Vervolgens werden ze met geweld gedwongen om weer naar de grens te gaan. Onder de migranten bevonden zich ook kinderen.

Een Poolse dokter zag migranten die ernstig onderkoeld waren, wiens benen geamputeerd moesten worden of die kampten met de gevolgen van vergiftiging, omdat ze water uit het moeras hadden gedronken.

Eenmaal in Polen werden tweeduizend vluchtelingen opgesloten

Wanneer de migranten wel werden doorgelaten door de Poolse grenswacht, werden zij vaak opgesloten in detentiecentra. Het rapport stelt dat mensen in het Wędrzyn detentiecentrum in veel te kleine ruimtes verbleven.

In een ruimte van 8 vierkante meter werden 24 mannen opgesloten. Dit voldoet niet aan de Poolse maatstaf, die 2 vierkante meter voorschrijft per buitenlandse gevangene. De Raad van Europa heeft als norm 4 vierkante meter per gevangene.

Vluchtelingen vertelden aan Amnesty dat nieuwkomers in detentiecentra zich moesten uitkleden en bloot in een ruimte moesten squatten. Bewakers gebruikten tasers en handboeien. Verder was er beperkte medische, psychologische en juridische hulp voor de vluchtelingen die veelal met trauma's kampten.

Onderzoeker noemt racisme en hypocrisie van Polen

Onderzoeker bij Amnesty International Jelena Sesar meldt dat de behandeling van deze groep mensen in schril contrast staat tot het warme onthaal van de miljoenen Oekraïense vluchtelingen in Polen. Ze spreekt van hypocrisie en racisme en roept Polen op om elke vluchteling gelijk te behandelen.

In januari oordeelde het Hooggerechtshof in Warschau al dat Polen journalisten en hulpverleners niet uit het grensgebied met Belarus had mogen weren. Internationale hulporganisaties vroegen Polen of ze de migranten kleding, dekens en medische hulp mochten bieden, maar dat liet de Poolse noodtoestand niet toe. Media mochten geen verslag doen van de migratiecrisis, die werd veroorzaakt doordat het Belarussische regime duizenden migranten uit het Midden-Oosten de vrije doorgang verleende.

De vluchtelingen werden in hun thuisland verleid met een aantrekkelijk reispakket naar Belarus. Ze zouden maar een paar kilometer hoeven wandelen om Polen binnen te komen. Eén van de geïnterviewde Syriërs vertelt aan Amnesty International dat hij in Syrië was gebleven als hij had geweten wat hem te wachten stond.

Polen riep in september 2021 de noodtoestand uit waardoor media en hulporganisaties lastig op locatie konden komen. Poolse autoriteiten telden maar liefst 40.000 pogingen van mensen om de grens over te steken tussen juli 2021 en het einde van het jaar.