Nederland heeft donderdagochtend vijf vrouwen en elf kinderen uit een vluchtelingenkamp in Syrië opgehaald, schrijven ministers Dilan Yesilgöz-Zegerius (Justitie en Veiligheid) en Wopke Hoekstra (Buitenlandse Zaken) in een brief aan de Tweede Kamer.

Toenmalig minister van Justitie en Veiligheid Ferd Grapperhaus schreef eind 2021 in een brief aan de Tweede Kamer dat Nederland vijf Syriëgangers zou gaan ophalen. De vijf zouden worden verdacht van terroristische misdrijven, meldde Grapperhaus destijds.

"Na een zorgvuldig voorbereidingsproces, waarin alle relevante feiten en complexe omstandigheden in ogenschouw zijn genomen, zag het kabinet een mogelijkheid tot overbrenging door middel van een speciale operatie", schrijven Yesilgöz-Zegerius en Hoekstra.

Het is nog niet bekend waar de vrouwen en hun kinderen nu precies zijn. Ze zouden donderdagochtend zijn opgehaald uit het Koerdische vluchtelingenkamp Al Roj in het noorden van Syrië.

Bij aankomst in Nederland worden ze aangehouden en vervolgd. De kinderen worden overgedragen aan de Raad voor de Kinderbescherming, aldus Yesilgöz-Zegerius en Hoekstra. In het belang van de privacy en veiligheid doet het kabinet verder geen mededelingen over de zaak.

Vrouwen naar verwachting vrijdag voorgeleid

André Seebregts, advocaat van vier van de vrouwen, verwacht dat de vrouwen vrijdag worden voorgeleid aan de rechter-commissaris, die zal beslissen ze in voorarrest vast te houden. "De vrouwen komen naar alle waarschijnlijkheid op een terroristenafdeling van de penitentiaire inrichting in Zwolle", zegt Seebregts.

Hij verwacht dat hun inhoudelijke strafproces nog minimaal een half jaar op zich laat wachten. "Op enig moment worden deze vrouwen berecht en zal de rechtbank oordelen of ze zich schuldig maakten aan een strafbaar feit en zullen veroordelingen volgen. De ervaring leert dat deze vrouwen na hun celstraf alleen onder strenge voorwaarden worden vrijgelaten, denk daarbij aan het dragen van enkelbanden, reclasseringscontacten en contactverboden."

Kabinet wil geen gewoonte maken van terughalen Syriëgangers

Eerder haalde Nederland al Syriëganger Ilham B. terug. Zij werd bij haar terugkomst in juni 2021 aangehouden. Het kabinet liet toen al weten geen gewoonte te willen maken van het terughalen van Syriëgangers. Destijds zeiden toenmalig ministers Grapperhaus en Sigrid Kaag (Buitenlandse Zaken) dat zich een "uitzonderlijke gelegenheid" voordeed om de verdachte en haar twee kinderen over te brengen naar Nederland.

Vorig jaar oordeelde de rechter dat Nederland zich daartoe moest inspannen, zodat de vrouwen in Nederland vervolgd kunnen worden voor hun betrokkenheid bij terrorisme. Als dit niet op tijd gebeurt, dan vervallen de rechtszaken.