President Kassym-Jomart Tokajev van Kazachstan heeft woensdag de noodtoestand uitgeroepen in de grootste stad Almaty en in delen van het olierijke westen van het land. De noodtoestand is tot 19 januari van kracht, zo valt te lezen op de presidentiële website.

Tokajev nam de maatregel in reactie op ongekende protesten over een stijging van de prijs voor vloeibaar petroleumgas (lpg) in het uitgestrekte ex-Sovjetland.

De regering van premier Askar Mamin voerde in reactie op de protesten dinsdag een verlaging van lpg-prijzen door. Na het uitroepen van de noodtoestand bood de regering haar ontslag aan. Tokajev heeft het ontslag aanvaard en vicepremier Smajlov Alichan Aschanovitsj tot interim-premier benoemd. Totdat een nieuw kabinet is gevormd zullen de demissionaire ministers hun taken blijven uitvoeren.

In de zuidoostelijke stad Almaty, de financiële hoofdstad van Kazachstan, brak dinsdag chaos uit toen de politie traangas en verdovingsgranaten afvuurde om de onrust te onderdrukken.

De demonstranten keerden zich vooral tegen Tokajevs nog steeds machtige voorganger en mentor Nursultan Nazarbayev, een naaste bondgenoot van de Russische president Vladimir Poetin die Kazachstan regeerde van 1989 tot 2019. Nazarbayev heeft nog altijd controle over het land als voorzitter van de Veiligheidsraad en 'Leider van de Natie', een constitutionele rol die hem uitvoerende bevoegdheden en immuniteit van vervolging verleent.

Spontane, niet vooraf goedgekeurde protesten zijn illegaal in Kazachstan, ondanks een vorig jaar aangenomen wet die de vrijheid van vergadering in het land versoepelde.