Drie gevangenen opgehangen bij eerste executies in Japan sinds 2019
Japan heeft dinsdag drie gevangenen geëxecuteerd. Het is voor het eerst sinds 2019 dat de doodstraf in het land is uitgevoerd.
Volgens de Japanse regering waren de straffen nodig als reactie op "voortdurende, afschuwelijke misdaden". Het waren tevens de eerste executies sinds het aantreden van premier Fumio Kishida in oktober.
Een van de geëxecuteerden was een 65-jarige man die in 2004 zijn 80-jarige tante, twee van haar kinderen en vier anderen om het leven had gebracht met een hamer en mes.
Mensenrechtenorganisaties hebben zich herhaaldelijk tegen de Japanse praktijk van de doodstraf uitgesproken. Onder de bevolking zelf is er nog altijd veel steun voor executies.
Sinds april dit jaar hebben 108 landen de doodstraf afgeschaft voor alle misdaden, staat in het jaarlijkse doodstrafrapport van mensenrechtenorganisatie Amnesty International. 144 landen hebben de doodstraf in de wet of praktijk afgeschaft.
Japan in november aangeklaagd door twee gevangenen
Vorige maand werd Japan aangeklaagd door twee gevangenen die in de dodencel zitten. Terdoodveroordeelden in het Aziatische land krijgen slechts kort van tevoren te horen dat ze geëxecuteerd zullen worden.
De klagers stellen dat dit "onmenselijk" en "illegaal" is, omdat terdoodveroordeelden zo geen tijd hebben om bezwaar te maken tegen het executiebevel. De twee willen daarom dat dit gebruik wordt veranderd en eisen een schadevergoeding van 22 miljoen yen (zo'n 167.690 euro). Het was voor het eerst dat terdoodveroordeelden de stap naar de rechter maakten.
In Japan wordt de doodstraf vooral opgelegd in moordzaken. Momenteel zitten er ruim honderd gevangenen in het land in de dodencel. Executie gebeurt door middel van ophanging.
