De Inspectie Veiligheid Defensie (IVD) heeft "geen sluitende oorzaak" gevonden voor de crash met een gevechtshelikopter van de marine vorig jaar bij Aruba. De NH90-helikopter stortte op 19 juli neer na een oefenvlucht in het Caribisch gebied. De twee bemanningsleden in de cockpit verdronken, twee anderen wisten levend uit het toestel te komen.

Volgens de inspectie "zijn in het onderzoek geen aanwijzingen gevonden dat invloeden van buitenaf, zoals het weer en omstandigheden rondom het schip of technisch falen van de helikopter, het ongeval hebben doen ontstaan". Uit het onderzoek komt wel naar voren dat het toestel onvoldoende snelheid en hoogte had toen het water werd geraakt.

Hoewel de bemanning aan de eisen voldeed, is wel de vraag of ze ervaren genoeg was om bepaalde complexe vliegmanoeuvres uit te voeren. "In het onderzoek vallen enige elementen op die ruimte laten voor twijfel over de ervaring van cockpitbemanningen, vooral gezagvoerders, met het nemen van beslissingen en hun vliegvaardigheid", staat in de conclusie van het rapport.

Bemanning marineschip onvoldoende getraind voor redding

De NH90 verongelukte tijdens een oefenvlucht vanaf het marineschip Zr.Ms. Groningen. De helikopter stortte op 130 meter van het schip neer. Hierdoor was er snel een reddingsteam ter plaatse, maar volgens de inspectie was de bemanning van het schip onvoldoende toegerust voor de redding. Het schoot tekort op onder meer de training van de bemanning van reddingsvaartuigen, de uitrusting van reddingsvaartuigen en het leveren van passende zorg aan drenkelingen.

Defensie zegt al de nodige maatregelen te hebben genomen. Gezagvoerders van helikopters krijgen meer begeleiding en er zijn stappen gezet om de ontsnapping uit een helikopter te verbeteren.

Dat laatste is nodig omdat de vlieger van de NH90 uit de cockpit wist te komen, maar niet uit de helikopter. Volgens de IVD is het aannemelijk dat de veiligheidslijn die haar met het reddingsvlot verbond, is blijven haken achter een van de hendels van de stoel.