De rel rond het mogelijke uitzetten van ambassadeurs door Turkije heeft de toch al gespannen relatie met de Europese Unie opnieuw op scherp gezet. Door het optreden van president Recep Tayyip Erdogan is EU-lidmaatschap verder weg dan ooit voor Turkije.

Erdogan kondigde zaterdag aan de ambassadeurs van tien westerse landen, waaronder die van Nederland en vijf andere EU-lidstaten, uit te willen zetten. Dit omdat zij opriepen tot het vrijlaten van Osman Kavala, een Turkse zakenman, filantroop en mensenrechtenactivist die al vier jaar zonder veroordeling vast zit. Erdogan vindt dit "buitenlandse inmenging" en noemde de oproep "onfatsoenlijk".

Maandag kwam Erdogan echter alweer terug op zijn dreigement en mochten de ambassadeurs toch blijven. De Turkse president schildert de met een sisser afgelopen rel af als een overwinning op het "bemoeizuchtige" westen, maar het betekent volgens oud-Europarlementariër en Turkije-kenner Joost Lagendijk vooral gezichtsverlies voor hem en Turkije zelf.

"De kans op EU-lidmaatschap voor Turkije op de korte termijn was al zo goed als nul, en dit heeft het zeker niet verder geholpen. Het is steeds weer een bevestiging van een eerdere analyse van het westen: onder Erdogan valt met Turkije eigenlijk geen zaken te doen."

Turkije wil juist graag (al vele jaren) lid worden van de EU, in de hoop dat het economisch kan profiteren. Maar volgens de in Istanboel woonachtige Lagendijk is Turkije is echter allang geen kandidaat-lidstaat meer die slechts een paar dingen hoeft te veranderen voor lidmaatschap.

"Formeel wordt er wel onderhandeld en is Turkije nog altijd kandidaat-lidstaat, maar in de praktijk gebeurt er al een hele tijd niks. Zolang Erdogan aan de macht is, gaat dat lidmaatschap er ook niet komen."

Het land, en met name Erdogan, toont zich volgens Lagendijk namelijk niet bereid om de benodigde veranderingen aan te brengen in hun wetgeving en gedrag op het gebied van democratie en mensenrechten. Zo worden veel journalisten en politieke en maatschappelijke dissidenten zonder proces vastgehouden in gevangenissen, iets wat ook ten grondslag ligt aan de recentste rel.

Beide partijen trekken nog niet officieel de stekker uit de onderhandelingen, ook al slinkt de al geringe kans dat Turkije toetreedt tot de EU steeds verder. "Alleen het vooruitzicht op lidmaatschap gaf de Turkse economie al een boost, omdat Europese bedrijven eerder geneigd waren er te investeren", legt Lagendijk uit. "Als dat vooruitzicht officieel wegvalt, wordt de positie van Turkije als interessant investeringsland aangetast. Dat weet Erdogan ook."

Vanwege de ligging van Turkije, als kruispunt tussen Europa en het Midden-Oosten, is het voor de EU juist een strategische partner waar deals mee gesloten moeten worden, zoals tijdens de Syrische vluchtelingencrisis in 2015. Dat zorgt voorlopig voor een onvervalste patstelling.

"De EU ziet dat Turkije weinig doet om het lidmaatschap waard te zijn, maar wil ook weer niet tegen de schenen schoppen. Er moeten nog wel zaken gedaan worden.

Niet Turkije op zich, maar Erdogan zelf vormt de grootste belemmering, ziet Lagendijk. "Veel Europese landen hebben principieel niks tegen Turkije en zijn van mening dat het gewoon lid zou kunnen worden als het zich aan de regels houdt. Maar zelfs de meest optimistische landen zien in dat dat met Erdogan aan de macht niet gaat gebeuren."

De ambassadeurs lieten een verklaring uitgaan waarin zij beloofden zich niet in binnenlandse aangelegenheden te mengen. Dat was vooral om Erdogan de kans te geven nog iets van zijn geloofwaardigheid te redden, een die hij snel met beide handen aangreep. De schade was volgens Lagendijk echter al aangericht.

"Erdogan heeft hier te hoog ingezet, terwijl zijn positie in zowel binnen- als buitenland zwakker dan ooit is. Daarmee heeft hij zijn hand overspeeld en daarna moeten inbinden omdat de druk te groot werd. Ook de mensen om hem heen zullen op hem ingepraat hebben dat dit niet verstandig was."

Erdogan ontkent dat Turkije een totalitaire staat wordt
Erdogan ontkent dat Turkije een totalitaire staat wordt

Erdogan zou daarom wel eens zelf het grootste slachtoffer kunnen worden van zijn recentste dreigement richting het westen. Zijn populariteit brokkelt af door de slecht draaiende Turkse economie. In het verleden leverden nationalistische uitbarstingen en daden Erdogan nog de nodige sympathie op onder Turkse kiezers, of zorgden ze in ieder geval voor tijdelijke afleiding van de problemen. Dat gaat nu niet meer te lukken, denkt Lagendijk.

"Hij zal best oprecht kwaad zijn geweest over de oproep Kavala vrij te laten, maar de harde retoriek die volgde doet het alleen nog goed bij de harde kern van zijn electoraat en dat is een steeds kleiner deel van de bevolking. Vooral de mensen die teleurgesteld zijn door hun eerdere stem op Erdogan, trappen hier niet meer in."

In 2023 zijn er Turkse verkiezingen, waarbij Erdogan zijn lang almachtig gewaande positie zomaar kan verliezen. Dat zou volgens Lagendijk de deur voor Turkse toetreding tot de EU weer openzetten. "Tot die tijd gaat er niks gebeuren, maar met een andere president, en dat zou in 2023 best eens kunnen, kunnen veel EU-landen zich weer voorstander tonen van Turkse toetreding."