In Mexico werd zondag een referendum gehouden over de vraag of vijf ex-presidenten vervolgd moeten kunnen worden. De organisatie van het referendum kostte 25 miljoen dollar (21 miljoen euro), maar de opkomst was minimaal. Volgens president Andrés Manuel López Obrador waren zijn voorgangers corrupt en verantwoordelijk voor armoede en een onzekere situatie in het land.

Minstens 40 procent van de geregistreerde kiezers, zo'n 37 miljoen Mexicanen, moesten hun stem uitbrengen voor een bindend referendum. Slechts 7 procent kwam opdagen. Daarvan vond meer dan 90 procent dat de ex-leiders vervolgd moeten kunnen worden voor illegale activiteiten.

Volgens critici was het referendum een politieke stunt van president López Obrador. De bestrijding van corruptie is een van zijn speerpunten. Het referendum had zijn politieke positie kunnen versterken.

Bovendien verbiedt de Mexicaanse wet de vervolging van ex-leiders niet. Ook krijgen zij niet automatisch amnestie. Volgens persbureau AP werd dit punt van kritiek samengevat in de slogan: "De wet moet toegepast worden, er moet niet over gestemd worden."

De vijf ex-presidenten die López Obrador wil laten vervolgen, zijn Carlos Salinas, Ernesto Zedillo, Vicente Fox, Felipe Calderón en Enrique Peña Nieto. Zij regeerden achtereenvolgens van 1988 tot 2018.