De Hongaarse premier Viktor Orbán vindt dat de Nederlandse kritiek op de omstreden nieuwe Hongaarse antihomowet voortvloeit uit het Nederlandse koloniale verleden.

"Dit is een koloniale aanpak. Ze denken gewoon niet na over wat ze wel of niet kunnen zeggen over een ander land en hun wetten", aldus Orbán vrijdag op de Hongaarse radio.

Demissionair premier Mark Rutte sprak zich vorige week fel uit over de wet en vindt dat Hongarije met deze nieuwe wetgeving niet past in de Europese Unie. Op een EU-top in Brussel zei Rutte tegen zijn Hongaarse ambtsgenoot dat hij beter kan vertrekken uit de unie, als hij zich niet aan de normen en waarden van de EU wil houden. Ook veel andere EU-lidstaten spraken schande van de nieuwe wet en willen dat Hongarije die intrekt.

Hongaarse media hadden het kort na de uitspraken van Rutte al over zijn vermeende "koloniale arrogantie". Rutte zou ten onrechte een "Hongaarse kinderbeschermingswet" aanvallen. De Nederlandse premier werd hierbij arrogant en een "extremistische libertariër" genoemd. De Hongaarse commentatoren haalden ook het Nederlandse koloniale verleden aan, evenals de toeslagenaffaire.

De wet, die volgende week van kracht moet worden, verbiedt specifiek om jongeren tot achttien jaar bloot te stellen aan "inhoud die homoseksualiteit, afwijking van de genderidentiteit en het veranderen van sekse" zou aanmoedigen. Dat heeft gevolgen voor het onderwijs, de media en de politiek in Hongarije.

Met de wet kan het bijvoorbeeld verboden worden om mediaproducties met lhbti-personages uit te zenden. Ook wordt voorlichting voor en over de lhbti-gemeenschap op scholen aan banden gelegd en worden lhbti-politici mogelijk bemoeilijkt in hun campagne naar de verkiezingen van volgend jaar.