De Colombiaanse president Iván Duque heeft een controversieel voorstel voor belastinghervormingen teruggetrokken na massale protesten. Vijf dagen lang gingen tienduizenden Colombianen de straat op om te protesteren tegen de hervormingen. In de grote steden vonden rellen plaats waarbij ten minste zes mensen om het leven kwamen en tientallen gewond raakten.

In een televisietoespraak zei Duque dat de overheid met een nieuw voorstel zou komen met instemming van andere partijen en organisaties.

Het ingetrokken voorstel was controversieel omdat het de belasting voor burgers en bedrijven zou verhogen. Daarbij zouden veel bestaande belastinguitzonderingen worden geschrapt. De hervormingen moesten het land bijna 5 miljard euro besparen.

Eerder had de president gezegd dat de belastingverhogingen nodig waren om het land uit de economische crisis te halen. Vorig jaar daalde het Colombiaanse bruto binnenlands product met 6,8 procent en steeg de werkloosheid mede door de coronapandemie.

Vakbonden hadden opgeroepen tot protesten. De hervormingen zouden volgens hen vooral de armste mensen raken, die toch al het meest leden onder de economische impact van COVID-19.

In zijn verklaring erkende Duque dat "het een moment is om de kwetsbaarste mensen te beschermen, en een uitnodiging om te bouwen, niet om te haten en vernietigen".

Gewelddadige protesten in grote steden

Bij een aantal protesten in grote steden zoals de hoofdstad Bogota en de op twee na grootste stad Cali werd geweld gebruikt. Demonstranten brachten vernielingen aan en botsten met de politie. In Bogota zette de politie traangas in en in Cali werd een avondklok ingesteld nadat bussen in brand waren gestoken.

Bij de protesten zouden zeker zes doden zijn gevallen. Tientallen mensen raakten gewond.