De defensiechefs van twaalf landen, waaronder Nederland, hebben zaterdag in een gezamenlijke verklaring het dodelijke geweld door het Myanmarese leger tegen ongewapende burgers veroordeeld. Meer dan honderd mensen werden zaterdag gedood tijdens demonstraties voor een terugkeer naar de democratie.

"Een professioneel leger volgt internationale gedragsnormen en is verantwoordelijk voor het beschermen, niet het schaden, van de mensen die het dient", schrijven de defensiechefs.

"We dringen er bij de strijdkrachten van Myanmar op aan het geweld te staken en te werken aan het herstel van respect en geloofwaardigheid bij de bevolking van Myanmar die zij door hun acties hebben verloren", staat in de verklaring. Die is ondertekend door de militaire top van Nederland, Australië, Canada, Duitsland, Griekenland, Italië, Japan, Denemarken, Nieuw-Zeeland, Zuid-Korea, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten.

Volgens getuigen en lokale media zouden veiligheidstroepen in Myanmar zaterdag 114 mensen hebben gedood, onder wie enkele kinderen. De Verenigde Naties noemden het de "bloedigste dag" sinds de militaire machtsovername in februari.

Leger kan demonstranten door het hoofd schieten

Het leger voerde zaterdag, op de Dag van de Strijdkrachten, in alle vroegte al enkele invallen uit in een poging protesten in de kiem te smoren. De machthebbers waarschuwden eerder deze week al dat troepen demonstranten door het hoofd kunnen schieten.

De Dag van de Strijdkrachten, waarop het begin van het lokale verzet tegen de Japanse bezetting tijdens de Tweede Wereldoorlog wordt herdacht, gaat gewoonlijk gepaard met een militaire parade, bijgewoond door buitenlandse officieren en diplomaten.

De junta heeft echter moeite om internationale erkenning te krijgen sinds ze de macht over Myanmar heeft overgenomen en zei dat acht internationale delegaties aanwezig waren bij de parade zaterdag. Daaronder zouden zich China en Rusland bevinden.