Een rechtbank in Keulen heeft het verscherpte toezicht op de politieke partij Alternative für Deutschland (AfD) verboden. Duitse media meldden woensdag dat de Duitse inlichtingendienst de grootste oppositiepartij van het land had aangemerkt als een "verdacht geval" van rechts-extremisme. Daardoor kon de dienst onder meer telefoongesprekken van leden gaan afluisteren.

De veiligheidsdienst Bundesamt für Verfassungsschutz (BfV) zou volgens bronnen de partij als geheel verdenken van banden met rechts-extremisten. De AfD zou daardoor een gevaar voor de democratie kunnen zijn. Door de hele partij als verdacht te bestempelen, zou ook de inzet van informanten tot de mogelijkheden gaan behoren.

Leiders van de rechts-nationalistische AfD reageerden verontwaardigd en kondigden een gang naar de rechter aan. De rechtbank bevestigt nu tegenover Duitse media dat de veiligheidsdienst voorlopig is teruggefloten omdat het besluit nog wordt aangevochten.

De AfD werd in 2013 opgericht als een conservatieve en rechts-liberale partij die vooral kritisch stond tegenover de euro. Door interne strijd en rivaliteit heeft de AfD in 2015 en 2017 een ruk naar rechts gemaakt. Tal van leden hebben contacten met extreemrechtse groepen.

De partij staat nu vooral voor nationalisme, conservatisme en populisme en keert zich fel tegen immigratie en islamitische invloeden. Fractieleider Alexander Gauland bestrijdt dat de partij rechts-extremistisch is.