Bij het conflict in de Ethiopische regio Tigray vinden etnische zuiveringen plaats, staat in een intern Amerikaans overheidsrapport dat is ingezien door de krant The New York Times. De Ethiopische autoriteiten en hun bondgenoten zouden de strijd in het gebied aangrijpen om het Tigray-volk te verjagen.

In de Ethiopische regio Tigray braken eind vorig jaar vijandigheden uit tussen het Ethiopische regeringsleger en het Tigray People's Liberation Front, dat de regio bestuurde. Regeringstroepen kregen naar verluidt hulp van troepen uit buurland Eritrea en milities uit de aangrenzende Ethiopische regio Amhara. Die controleren inmiddels een deel van Tigray.

In het rapport van de Verenigde Staten staat dat etnische Tigray worden aangevallen. Hun huizen zijn geplunderd en in brand gestoken. "Complete dorpen liepen grote schade op of zijn volledig van de kaart geveegd", staat in het document. Inwoners zijn naar buurland Soedan gevlucht of zochten een veilig heenkomen in de jungle. Ook zouden ze in sommige gevallen onder dwang naar andere gebieden zijn gestuurd.

Het is niet de eerste keer dat melding wordt gemaakt van ernstige misstanden in het gebied. Amnesty International schreef vrijdag over een moordpartij in de stad Axum. Daar zouden troepen uit Eritrea vorig jaar honderden burgers hebben gedood. Het interne rapport dat nu naar The New York Times is gelekt, maakt duidelijk dat ook lokale Amerikaanse functionarissen bijhouden wat er gaande is in Tigray.