Een ruime meerderheid van het Franse parlement is dinsdag akkoord gegaan met een stevigere aanpak van de radicale islam, die door de minister van Binnenlandse Zaken "een ziekte" wordt genoemd. Het wetsvoorstel was omstreden en kreeg kritiek van links en rechts.

De Franse regering vindt dat extreme moslimgemeenschappen de eenheid van het land aantasten. President Emmanuel Macron zette vaart achter de maatregelen na de dood van de Franse leraar Samuel Paty, die vorig jaar oktober werd onthoofd door een moslimextremist.

Volgens de regering is de wet gericht "tegen separatisme". Onder separatisme wordt het streven naar afscheiding of autonomie verstaan. Radicale moslims willen in de ogen van de regering gemeenschappen creëren die losstaan ​​van de "onwankelbare seculiere identiteit" van Frankrijk. Met secularisme wordt de scheiding van kerk en staat bedoeld.

"Ons land is ziek van separatisme, vooral van het islamisme dat onze nationale eenheid beschadigt", verdedigde minister Gérald Darmanin van Binnenlandse Zaken het wetsvoorstel in het parlement. "We moeten het medicijn vinden", voegde hij eraan toe. Volgens de bewindsman bestrijdt de wet geen religies, maar de pogingen van extremisten het land over te nemen.

De regering wil een brede aanpak. Zo moeten er strengere regels komen voor religieus onderwijs en huwelijken van een man met meerdere vrouwen.

Extreemlinkse politici vinden dat de wet moslims stigmatiseert. Voor rechts gaan de plannen niet ver genoeg. De voorstellen zouden kwesties als radicalisering in de gevangenis en migratie negeren. De extreemrechtse leider Marine Le Pen, die geldt als de belangrijkste rivaal van Macron bij de verkiezingen volgend jaar, kwam al met eigen oplossingen zoals een verbod op hoofddoeken op alle openbare plaatsen.