De Surinaamse aanklager heeft donderdag twaalf jaar cel geëist tegen de voortvluchtige ex-minister van Financiën, Gillmore Hoefdraad. Hij wordt door het Openbaar Ministerie (OM) verdacht van corruptie, witwassen en overtreding van de bankwet.

De aanklager eist ook een boete van 500.000 Surinaamse dollar (bijna 28.000 euro) of een jaar extra cel.

Het Surinaamse OM baseert de eis onder meer op een "doorslaggevende" verklaring van oud-vicepresident Ashwin Adhin. Volgens hem heeft Hoefdraad in juni 2019 namens de staat panden verkocht zonder dat hij daar toestemming voor had van ex-president Desi Bouterse en de ministerraad. De toestemming kwam pas na de verkoop.

De zaak van Hoefdraad is onderdeel van een grotere zaak rond de Centrale Bank van Suriname. Daarbij zijn nog meer verdachten betrokken, zoals de vorige president van de Centrale Bank Robert van Trikt, de directeur van de Surinaamse Postspaarbank Ginmardo Kromosoeto en enkele medewerkers van de Centrale Bank.

Volgens het OM had Hoefdraad met al deze verdachten contact. De zaken van de andere verdachten zijn al in behandeling bij de rechter, maar er is nog geen sprake van een strafeis. Zij wachten het vervolg van hun zaak af in de gevangenis.

Justitie wil nog een nader onderzoek doen om te achterhalen wat het financiële belang voor Hoefdraad als persoon is geweest bij de transacties. Op 11 maart krijgen de advocaten van de verdachte de gelegenheid te reageren op de eis van het OM.

De oud-minister is al bijna een half jaar niet meer gezien in Suriname.