De Oegandese veiligheidstroepen, die het huis van de bekende zanger en oppositieleider Bobi Wine sinds de verkiezingen van 14 januari hadden omsingeld, hebben zich dinsdag teruggetrokken. Wine zat twee weken vast in zijn huis, nadat hij de verkiezingswinst had geclaimd en president Yoweri Museveni had beschuldigd van fraude.

De rechtbank oordeelde maandag al dat het leger zich moest terugtrekken, omdat de hechtenis onrechtmatig was. De regering liet eerder juist weten dat de troepen gestationeerd waren om Wine te beschermen.

Ook was de weg naar het huis van de oppositiekandidaat geblokkeerd. Veel leden van het campagneteam en aanhangers van Wine zijn opgepakt tijdens protesten en zitten nog steeds vast.

De 38-jarige Wine wordt vooral gesteund door jongeren, die in het land een grote demografische groep vormen. Hij zou met 35 procent van de stemmen hebben verloren van Museveni, die 59 procent van de stemmen heeft behaald.

Wine is een idool voor veel jonge Oegandezen die zeggen dat Museveni andersdenkenden onderdrukt en onvoldoende banen creëert. Museveni schildert Wine af als een buitenlandse marionet en een onruststoker. Hij houdt vol dat zijn regering de enige garantie voor politieke stabiliteit en economische vooruitgang in Oeganda is.

De buitenlandse druk op de Oegandese rechterlijke macht is in de loop van de weken gegroeid. Zo spoorden de Verenigde Staten en Amnesty International Museveni eerder al aan om het huisarrest van Wine te beëindigen. Ook werd opgeroepen om te onderzoeken of rond de verkiezingen geweld is gebruikt en er onregelmatigheden waren.