Palestijnen gaan voor het eerst in vijftien jaar weer naar de stembus, zo heeft de Palestijnse president Mahmoud Abbas vrijdag aangekondigd. De parlementsverkiezingen vinden plaats op 22 mei, de presidentsverkiezingen volgen op 31 juli.

Een paar maanden geleden waren de rivaliserende partijen Fatah, waarvan Abbas lid is, en Hamas het al eens geworden over het houden van nieuwe verkiezingen.

Abbas werd in 2005 verkozen tot president. Het radicaalislamitische Hamas deed toen niet mee aan de verkiezingen. Bij de parlementsverkiezingen in 2006 boekte Hamas een grote overwinning, waardoor de verdeeldheid tussen de Palestijnen verder toenam.

Het kwam een jaar na de laatste verkiezingen zelfs tot een gewapend conflict, waarbij Hamas de Gazastrook veroverde. Hamas is nog steeds de dominante groep in die geïsoleerde, aan Israël en Egypte grenzende kustregio aan de Middellandse Zee. Fatah daarentegen is meer aanwezig op de Westelijke Jordaanoever.

Het overleg tussen de rivalen zou een nieuwe impuls hebben gekregen toen Israël met hulp van de Amerikaanse president Donald Trump vredesakkoorden sloot met onder meer de Arabische landen Bahrein en de Verenigde Arabische Emiraten. Dat leidde tot onvrede onder de Palestijnen, die zich verraden voelen.

De Palestijnen willen met de komst van Joe Biden, die volgende week wordt beëdigd tot de nieuwe Amerikaanse president, de banden met de Verenigde Staten aanhalen. De band was tijdens het presidentschap van Trump juist verslechterd.