Dodelijk slachtoffer van aardverschuiving Noorwegen gevonden
Noorse reddingswerkers hebben een eerste dodelijk slachtoffer gevonden van de aardverschuiving in het Scandinavische land, dat plaatsvond in de nacht van dinsdag op woensdag. Over de identiteit van het slachtoffer is nog niets bekendgemaakt. Er zouden nog ongeveer negen mensen vermist zijn, onder wie ook kinderen.
Reddingswerkers hebben de afgelopen dagen gezocht naar overlevenden. Dit gaat moeizaam door de onstabiele kleigrond waarin ze moeten werken. Desondanks kon de politie vrijdag het centrum van het getroffen gebied bereiken.
De politie benadrukt dat zij niet spreekt van een bergingsoperatie, maar van een reddingsoperatie. De betrokken reddingswerkers hopen nog overlevenden te vinden. Dit zou volgens hen nog mogelijk moeten zijn, ondanks de sneeuwval en onstabiele grond. Zolang slachtoffers kunnen ademhalen, kunnen ze nog dagen in deze omstandigheden overleven, aldus de reddingswerkers.
De aardverschuiving trof een wijk in het plaatsje Ask, zo'n 40 kilometer ten noordoosten van de hoofdstad Oslo. Tien personen raakten gewond, van wie één ernstig. Ongeveer tien gebouwen werden weggevaagd en zo'n duizend mensen zijn geëvacueerd.
De Noorse koning Harald liet donderdag in een verklaring weten mee te leven met de inwoners van Ask. "Mijn gedachten zijn bij alle mensen die zijn getroffen, gewond zijn of hun huis hebben verloren, en degenen die nu in angst en onzekerheid leven over de volledige omvang van de catastrofe", aldus de 83-jarige koning.

